In de tijd van Hannibals roemruchte tocht waren er inderdaad olifanten in Zuid-Europa

dinsdag, 17 februari 2026 (16:41) - NRC Handelsblad

In dit artikel:

Een klein botje van circa 10 cm, opgegraven in 2020 langs de Guadalquivir bij Córdoba, wordt door een internationaal team van archeologen gezien als het eerste tastbare spoor van oorlogsolifanten op het Europese vasteland uit de klassieke oudheid. Het fragment — een enkelbot uit de rechtervoorpoot, ongeveer zo groot als een koffiemok — lag tussen munten en een dozijn stenen kogels die waarschijnlijk als munitie werden gebruikt. De vondst is beschreven in Journal of Archaeological Science: Reports door onderzoekers uit Córdoba, Madrid en Leiden.

Koolstofdatering plaatst het bot in het tijdvak van de 4e–3e eeuw v.Chr., de periode waarin Carthago vanuit het Iberisch schiereiland militaire campagnes voerde tegen Rome tijdens de Tweede Punische Oorlog. Daardoor rijst meteen de associatie met Hannibal, de Carthaagse generaal die volgens klassieke bronnen met oorlogsolifanten Italië binnenviel. De onderzoekers benadrukken echter voorzichtigheid: het bot bewijst niet onomstotelijk dat olifanten de Alpen zijn overgestoken, wél dat er in Iberië een olifant aanwezig moet zijn geweest die mogelijk in oorlogsdienst werd gebruikt — iets wat schriftelijke bronnen al suggereren maar waarvan archeologisch bewijs schaars is.

Critici, onder wie historicus Jona Lendering, noemen de interpretatie te speculatief en betwijfelen de zekerheid van de datering; volgens hem is het veel waarschijnlijker dat het bot niet uit Hannibals tijd stamt. De Leidse archeologe Laura Llorente Rodríguez verdedigt de conclusie en wijst op aanvullende vondsten van de site (zoals aardewerk) die overeenkomen met het tijdvak van de Tweede Punische Oorlog.

Wat de soort betreft blijft onduidelijk of het om het uitgestorven Noord-Afrikaanse type ging dat Carthagers gebruikten; het bot was te fragiel voor dna-onderzoek en vergelijkingen met museummateriaal mislukten omdat beschikbare referenten Aziatische exemplaren betroffen. Als het onderzoek standhoudt, vormt dit kleine botje een zeldzame brug tussen klassieke teksten en materiële archeologie over Carthaagse oorlogsolifanten in Europa.