In Brussel klinkt het Nederlands luider, maar is het Engels 'all over'
In dit artikel:
Op het schoolplein van basisschool Prinses Juliana in Etterbeek, dicht bij de Europese instellingen, tekenen zich twee trends af: veel Nederlandstalige leerlingen en een onderwijscurriculum dat zowel Nederlands als Vlaams onderwijs combineert. De school, geleid door de Nederlandse directeur Anja Kramer, oogstte lof van de Vlaamse inspectie in 2025 en won in 2022 een prijs voor meest inspirerende school van Brussel — een bewijs dat Nederlandstalig onderwijs hier in trek is.
Die lokale populariteit past in een bredere beweging: het Nederlands wint terrein in België. Volgens Willem Bongers-Dek van het Vlaams-Nederlands huis deBuren speelt zowel de brede taalmix in Brussel als een economische verschuiving richting het rijkere Vlaanderen een rol: Nederlands spreken biedt meer kansen op de arbeidsmarkt. Het Huis van het Nederlands, vlakbij Manneken Pis, ontvangt jaarlijks zo’n 18.000 Brusselaars die de taal willen leren; directeur Patrick Manghelinckx merkt dat 70 procent van de Brusselse bevolking van elders komt, van migranten tot expats. De Canadese Jade Galdo is een voorbeeld: ze koos in Brussel bewust voor Nederlands omdat ze het economisch aantrekkelijker vindt.
Politieke en sociaaleconomische maatregelen versterken deze trend. Sinds de Nieuw-Vlaamse Alliantie (N-VA) onder premier Bart De Wever prominenter in de federale politiek zit, wordt Nederlands zichtbaarder. In Wallonië wordt Nederlands vanaf september 2027 verplicht als eerste moderne taal vanaf het derde leerjaar, en veranderingen in uitkeringsbeleid kunnen werkzoekenden richting het Nederlandstalige Vlaanderen sturen, waar meer banen en hogere inkomens zijn — een prikkel voor mensen om Nederlands te leren en kinderen naar Nederlandstalige scholen te sturen.
Tegelijkertijd krijgt het Nederlands concurrentie: jongere generaties mengen talen moeiteloos, en Engels groeit als dominante lingua franca, ook in academische kringen. In Brussel fungeert Nederlands vaak als ‘derde taal’ na de moedertaal en Frans of Engels; er is veelal een basisniveau, maar niet altijd voldoende voor hogere studies of professioneel gebruik. Vlaams hoofdredacteur Karel Verhoeven waarschuwt voor een taalswitch richting Engels en de daarmee gepaard gaande verarming van cultuurtaal, waarop De Standaard zelfs een Franstalige digitale editie lanceerde.
Kortom: Nederlands wint aan belang door demografische en economische factoren en beleidswijzigingen, maar moet zich binnen een meertalige en globaliserende omgeving staande houden tegenover de opmars van Engels en het informeel mengen van talen in stedelijke cultuur.