Ik word als oudere naar de marge geschoven. Wat kan ik doen?

maandag, 5 januari 2026 (19:29) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

Psycholoog en filosoof Arthur Eaton reageert (5 januari 2026) op een lezeres die zich als oudere naar de rand van het sociale leven geduwd voelt. Eaton stelt dat het noodzakelijke beeld van ouderdom als louter verval voornamelijk voortkomt uit een cultuur die materiële, lichamelijke waarden en jeugd als ideaal verheft. Omdat samenleving en media jong zijn gaan verheerlijken, ontstaat de neiging ‘jong te blijven’ of je jong voor te doen, en krijgt ouder worden een negatieve lading.

Historisch plaatst Eaton deze opvatting ook binnen de psychologie: Freud stelde ooit dat mensen boven de vijftig minder geschikt zouden zijn voor analyse, een idee dat later door hem en anderen werd bijgesteld. Hedendaagse therapie werkt volgens Eaton ook voor ouderen; ze behandelt vaak andere thema’s, maar kan even effectief zijn als bij jongere cliënten.

Concreet bespreekt Eaton het gevoel van marginalisering dat de lezeres ervaart. Hij verwijst naar Hermann Hesse’s Beschrijving van het plotseling buiten spel staan in sociale verbanden: soms gebeurt die uitsluiting abrupt, soms sluipt ze er langzaam in. Belangrijk is volgens Eaton om die verplaatsing van centrum naar marge niet alleen als verlies te zien, maar ook als een mogelijke verschuiving naar binnen — een fase waarin oude sociale rollen niet langer het primaire zelf bepalen en ruimte komt voor innerlijk onderzoek.

Eaton benadrukt dat die innerlijke wending risico’s kent en geen gemakkelijke of universele remedie is. Tegelijk pleit hij voor een maatschappelijke herwaardering van latere levensfasen: ouder worden zou niet alleen als intrinsiek problematisch moeten gelden. Als individueel antwoord raadt hij aan te luisteren naar wat in deze levensfase naar voren komt — via literatuur, religie, dromen, muziek, reizen of beeldende kunst — middelen die toegang kunnen geven tot gedeelten van het zelf die eerder ondergesneeuwd waren door werk en gezinsrollen.

Tot slot erkent hij realistische grenzen: niet iedereen vindt in contemplatie of kunst verlichting, en sociale veranderingen zijn eveneens noodzakelijk om ouderen niet te marginaliseren. De kern van zijn advies is een heroriëntatie: van het bestrijden van ouderdom als verlies naar het verkennen van wat de marge aan nieuwe betekenissen en innerlijke rijkdom kan bieden.