"Ik voelde me als topsporter onbegrepen en eenzaam": Aagje Vanwalleghem strijdt nu voor gezondere turnwereld
In dit artikel:
Ex-turnster Aagje Vanwalleghem blikt openhartig terug op haar carrière en presenteert tegelijk haar nieuwe boek Ambitie in balans. Vijf jaar geleden was ze één van de aanstokers van de discussie rond grensoverschrijdend gedrag in de turnsport; nu werkt ze als sport- en welzijnscoach bij de Belgische turnfederatie, zit ze in een expertencommissie voor gezond en ethisch sporten en is ze council member van de internationale gymnastiekfederatie. In het interview op Radio 1 zegt ze: "Ik probeer nu de persoon te zijn die ik zelf als jonge gymnaste nodig had."
Vanwalleghem schetst een topsportleven dat vaak draaide om overleven in plaats van beleven. Vanaf haar actieve jaren heerste er een obsessie met elk grammetje: kleine gewichtsverschillen van enkele honderden grammen werden aangekaart, atleten raakten gedehydrateerd omdat ze niet durfden te drinken voor de weegschaal, gingen in sauna's of verwijderden haarspeldjes om gewicht te verliezen. Die fysieke druk ging gepaard met een zware mentale tol. Na de Spelen verkeerde ze in een diepe put, worstelde met zelfdodingsgedachten en gebruikte extreme middelen om gehoord te worden of te kunnen doorgaan met trainen, zoals ze zelf toelicht over periodes van pijnstillergebruik en een keer het innemen van tipp-ex als noodkreet.
In 2012 beëindigde ze haar turncarrière — een beslissing die haar vroeg of haar moeder haar nog zou liefhebben zonder die sportidentiteit — en vijf jaar geleden bracht de Netflix-documentaire Athlete A haar ertoe om haar eigen ervaringen en die van anderen openbaar te maken. Samen met ex-collega’s verzamelde ze meer dan vijftig getuigenissen over misbruik en grensoverschrijdend gedrag; die bundel werd aan de toenmalige minister van Sport overhandigd en belandde op de agenda in het parlement. Een van de trainers bood later zijn verontschuldigingen aan, iets wat Vanwalleghem als essentieel ervaart voor erkenning en genezing.
Tegelijk ziet ze vooruitgang: de jongere generatie gymnasten verlangt naar meer balans en aandacht voor het leven buiten de sport. Als moeder van een dochter die zelf gymnastiek beoefent, voelt ze zich eerst terughoudend geweest om haar "naar het hol van de leeuw" te sturen, maar concludeert ze dat de cultuur veranderd is en dat het belangrijk is te luisteren naar wat het kind zelf wil. Haar nieuwe missie richt zich op veerkracht: jonge atleten leren hoe ze met tegenslag omgaan, in plaats van tranen weg te vegen en altijd maar door te ploeteren.
Praktische hulpverwijzingen in het interview benadrukken ook aandacht voor mentale gezondheid en misbruik: bij suïcidale gedachten kan men terecht bij de Zelfmoordlijn (1813), voor een luisterend oor bij Tele-Onthaal (106), voor meldingen van geweld of misbruik bij hulplijn 1712 en voor kinderen en jongeren bij Awel (102). Vanwalleghem hoopt met haar boek en werk bij te dragen aan een menselijkere sportcultuur waarin de persoonlijke grenzen en het welzijn van atleten centraal staan.