Huurders zijn veel meer kwijt aan wonen dan huiseigenaren
In dit artikel:
Nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) laten zien hoeveel Nederlanders gemiddeld aan wonen uitgeven: de zogenaamde woonquote (woonlasten als aandeel van het besteedbare inkomen). Het besteedbare inkomen is hierbij netto-inkomen plus toeslagen; de woonlasten omvatten huur of hypotheek en vaste lasten zoals gas, water en elektriciteit.
Het beeld is duidelijk ongelijk: huiseigenaren betalen met 16,3% van hun besteedbaar inkomen het minst aan wonen, terwijl sociale huurders gemiddeld 24,6% kwijt zijn. De grootste druk ervaren huurders in de vrije sector: zij geven ongeveer 30% van hun inkomen uit aan woonlasten. Binnen de groep eigenaren zijn de lasten het laagst voor mensen die al langer dan twintig jaar in hetzelfde huis wonen (ongeveer 15,2%), omdat aflossing van de hypotheek vaak leidt tot gelijkblijvende of dalende woonuitgaven na verloop van tijd.
Een belangrijke verklaring is dat hypotheekbetalingen door aflossing en vaste rentestructuren relatief stabiel kunnen blijven of dalen, terwijl huren regelmatig worden aangepast aan de inflatie en daarmee vaker stijgen. Daarnaast blijft de sociale huursector kampen met onderhoudsachterstanden, ondanks miljarden aan investeringen, wat de urgentie van woonbeleid en investeringen in betaalbare en goed onderhouden woningen onderstreept.
De Oranjezomer: Hugo Borst maakt statement tegen Ronaldo: 'Er is een complot gaande...'