'Hup, hup, hup', zei Boudewijn Büch en het boek was klaar

woensdag, 13 mei 2026 (11:29) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

In een herinnering aan een redactiekamer koppelt de auteur twee boeken aan elkaar: Boudewijn Büchs dichtbundel en het geliefde Sprookjes van de Lage Landen, samengesteld door Eelke de Jong en Hans Sleutelaar en geïllustreerd door Peter Vos. Collega Peter van Straaten vertelde dat De Jong en Sleutelaar het sprookjesboek vooraf aan uitgeverij De Bezige Bij hadden verkocht met een royaal voorschot. Het plan zou zijn geweest om echte volksverhalen bij boeren, vissermannen en oude vrouwtjes op te tekenen, maar omdat dat uitbleef en het voorschot snel opraakte, verzonnen de twee auteurs de vertellingen en presenteerden die als verzameld materiaal. Tot ieders verrassing werd het boek een enorm succes: meerdere delen volgden en het werk groeide uit tot een bestseller.

De anekdote wordt gezet naast Büch zelf, die volgens de verteller eveneens een vaardig fabulist was: hij schepte een mythische ik — met verzonnen persoonlijke tragedies en eigenschappen — waarmee hij zijn literaire carrière en persona verstevigde. Na zijn dood in 2002 concludeerden zijn oud-collega’s dat die leugens hem niet te verwijten waren; ze dienden zijn kunst. De vraag of het verzinnen van sprookjes door De Jong en Sleutelaar evenmin verwerpelijk is, blijft impliciet: ook hun fabricaties leverden blijvende literatuur op.

Het dappere haantje, één van de verzonnen sprookjes, blijkt ook buiten Nederland betekenis te hebben: de Russische neerlandicus Katja Tereshko gebruikt het verhaal in NT2-klassen met migranten omdat het culturele verwachtingen over rechtvaardigheid en staat inzichtelijk maakt en contact bevordert. De kern van het stuk is daarmee minder een veroordeling van literaire onechtheid dan een reflectie op de waarde van verhalen — zelfs wanneer hun bron wordt gefingeerd.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Virgil van Dijk prijst Frenkie de Jong: ‘Hij heeft met pijn gestreden voor het land'