Huizenprijzen bleven eind 2025 stijgen, soms zelfs met zo'n 20 procent
In dit artikel:
In het vierde kwartaal van 2025 lagen de transactieprijzen van bestaande koopwoningen in vrijwel alle Nederlandse gemeenten hoger dan een jaar eerder, zo blijkt uit analyses van het CBS en het Kadaster. Landelijk was de gemiddelde jaar-op-jaarstijging 6,2 procent, maar de verschillen tussen gemeenten zijn groot.
Het sterkste prijsopstootje vond plaats in Winterswijk (Achterhoek), waar de verkoopprijzen met 21,6 procent omhoog gingen. Op de ranglijst volgen Albrandswaard (Zuid-Holland) met 19,1 procent, Zoeterwoude (17,6%) en Pekela (Groningen, 17,4%). Daartegenover noteerden Wormerland (Noord-Holland) en de Limburgse gemeenten Gulpen‑Wittem en Valkenburg aan de Geul slechts beperkte prijsdalingen ten opzichte van een jaar eerder.
De ontwikkeling past in een breder tijdsverloop: prijzen piekten halverwege 2022, daalden daarna licht en trokken vanaf midden 2023 in veel grote gemeenten weer aan. In kleinere gemeenten was er vaak geen echte daling maar eerder een afvlakking; de recente opmars heeft in veel plaatsen zelfs tot nieuwe prijsrecords geleid.
De cijfers tonen duidelijke regionale verschillen — met relatief sterkere stijgingen in het oosten dan in het westen — hoewel de rapportage geen eenduidige verklaring geeft. Mogelijke factoren zijn lokale huizenmarktcondities, vraagverschuivingen en aanbodbeperkingen, die per gemeente verschillend uitpakken.