Huizenprijzen op Curaçao 'exploderen', lokale bevolking heeft het nakijken
In dit artikel:
Op Curaçao zijn de huizenprijzen in enkele jaren tijd explosief gestegen, vooral in het middensegment waar prijzen verdubbeld tot verdrievoudigd zijn ten opzichte van drie jaar geleden. In afgelegen gebieden zoals Westpunt en Bandabou worden woningen nu voor bijna 1 miljoen Caribische gulden (circa 481.000 euro) verkocht, terwijl die in 2021 nog gemiddeld 340.000 gulden (163.000 euro) kostten. Ter vergelijking: in 2010 lagen de prijzen rond 113.000 gulden (54.000 euro). Makelaar Fred Wight wijst erop dat populaire gebieden volgebouwd zijn en geen kavels meer beschikbaar zijn, wat de prijsstijging aanjaagt. Daarnaast trekt de markt steeds meer buitenlandse investeerders, waaronder Amerikanen, Canadezen, Nederlanders en Zuid-Amerikanen, die zich ook op minder ontwikkelde regio’s richten.
Deze prijsontwikkeling bedreigt vooral de lokale bevolking, die met een gemiddeld bruto maandsalaris van ongeveer 1700 euro steeds moeilijker een huis kan kopen. Er ontstaat een grote kloof tussen de welgestelden en de rest van de Curaçaoënaars. Voormalig politica Omayra Leeflang deelt deze zorgen en benadrukt dat de nieuwbouw vooral gericht is op toeristisch gebruik, zoals Airbnb’s en hotels, en niet op betaalbare woningen voor locals. Ze pleit voor snel beleid om woningbouw uitsluitend toe te staan voor mensen die er zelf permanent gaan wonen en om prioriteit te geven aan inwoners die een huis willen bouwen. De traditionele wooncultuur, waarbij Curaçaoënaars over meerdere jaren stapsgewijs uitbreiding van familiehuizen realiseren op grond die ze bezitten, raakt hierdoor verstoord. Zonder ingrijpen dreigt de woningmarkt steeds verder onbereikbaar te worden voor de eilandbewoners.