Huiszoekingsbevelen tegen voormalige prins Andrew waren onwettig
In dit artikel:
Een rechter in Londen heeft de huiszoekingsbevelen tegen Andrew Mountbatten-Windsor, de voormalige prins Andrew, ongeldig verklaard. De politie van Thames Valley erkende dat bij de aanvraag een verkeerde wettelijke grondslag was gebruikt en stemde in met vernietiging van de bevelen.
De politie doorzocht op 19 februari Andrews woning in Sandringham en zijn voormalige woning in Windsor. Dat gebeurde na zijn arrestatie wegens vermoedelijk wangedrag tijdens zijn vroegere publieke functie. Het onderzoek richt zich onder meer op de vraag of Andrew tussen 2001 en 2011 overheidsdocumenten heeft doorgespeeld aan Jeffrey Epstein, met wie hij contacten onderhield toen hij handelsvertegenwoordiger was.
De nietigverklaring stopt het onderzoek niet. Er wordt nog juridisch bepaald wat er met het tijdens de doorzoekingen in beslag genomen materiaal mag gebeuren en of de politie dit mag bewaren. Andrews advocaten kunnen proberen dat bewijsmateriaal uit een eventuele strafzaak te laten weren.
De uitspraak zegt niets over Andrews schuld of onschuld. Hij ontkent dat hij iets verkeerds heeft gedaan. Wel blijft zijn reputatie zwaar beschadigd: zijn arrestatie was volgens het artikel de eerste van een lid van de Britse koninklijke familie in vier eeuwen, terwijl zijn banden met Epstein blijven doorwerken.
Vandaag Inside: Tina Nijkamp: 'Ik erger me eraan dat Angela de Jong dit blijft volhouden'