Hoogleraren verdeeld over nieuwe box 3-regels
In dit artikel:
Het kabinet vervangt vanaf 2028 het huidige box 3‑stelsel door een systeem dat ook ongerealiseerde vermogensaanwas belast. De maatregel komt nadat het oude regime juridisch onhoudbaar bleek omdat het uitging van fictieve rendementen. Onder het nieuwe stelsel geldt jaarlijks 36% belasting over het werkelijke rendement, met een vrijstelling voor de eerste €1.800 aan winst.
Dat idee stuit op stevige kritiek van fiscale experts en marktpartijen. Edwin Heithuis (UvA) noemt het ongebruikelijk dat Nederland ongerealiseerde winsten belast; hij wijst erop dat veel andere landen dit niet doen en dat dat tot nadenken stemt. Analisten en vermogensbeheerders waarschuwen dat rijke particulieren en fondsen zullen proberen te ontwijken, bijvoorbeeld door vermogen naar box 2 of naar besloten vennootschappen te verplaatsen — Corné van Zeijl verwacht zelfs een “explosie van belegging‑bv’s”. Ook wordt het systeem kwetsbaar genoemd vanwege beperkte verrekening van verliezen.
Tegelijk verdedigt Bas Jacobs (VU) het voorstel: het bestrijdt het uitstel‑effect van het huidige stelsel, waarbij belastingheffing makkelijk kan worden uitgesteld door winst niet te incasseren. Internationale praktijk kent weinig voorbeelden van vermogensaanwasbelasting, wat de discussie extra politiek en technisch beladen maakt.