Hongarije liet de wereld zien hoe je terugvecht tegen illiberale democratie. Nu begint het moeilijke deel

donderdag, 16 april 2026 (17:54) - Joop

In dit artikel:

Bijna 80 procent van de Hongaarse kiezers ging zondag naar de stembus en koos een einde aan zestien jaar Viktor Orbán: de Tisza‑partij van Péter Magyar behaalde een grondwettelijke meerderheid en Orbán erkende enkele uren na het sluiten van de stembureaus zijn nederlaag. De uitslag heeft meteen geopolitieke gevolgen: Boedapest zal niet langer routinematig EU‑vetorechten gebruiken om hulp aan Oekraïne te blokkeren, sancties tegen Rusland te vertragen of EU‑uitbreiding te dwarsbomen. Daardoor kan ongeveer 90 miljard euro aan EU‑steun voor Kyiv vrijkomen; eerder had de EU via een conditionaliteitsmechanisme al zo’n 17 miljard euro bevroren.

De verkiezing wordt gevierd als een belangrijke overwinning voor democratieën wereldwijd en een klap voor populistisch‑autoritaire bewegingen. Tegelijk benadrukt David Koranyi — voorzitter van Action for Democracy en voormalig Hongaarse staatssecretaris — dat de echte opgave nu begint: het herstel van een democratisch bestel dat in zestien jaar diepgaand werd omgevormd. Er zijn weinig precedenten voor zo’n terugkeer; de Poolse ervaring na 2023 biedt slechts gedeeltelijke lessen omdat die situatie korter en politiek anders was.

Koranyi signaleert vier urgente hervormingsgebieden. Ten eerste moet er een nieuwe grondwet komen, tot stand gebracht via een breed, inclusief proces dat macht spreidt in plaats van verankert. Ten tweede is het noodzakelijk de rechterlijke macht te herbouwen: zowel het Constitutioneel Hof als het Hooggerechtshof zijn gevuld met Orbán‑loyalisten met langdurige mandaten. Hervorming vereist transparante, onafhankelijke benoemingsprocedures en een zorgvuldige balans tussen verantwoording voor misbruik en het vermijden van grove zuiveringen. Ten derde moeten publieke media volledig worden afgeschermd van politieke beïnvloeding en een nieuw bestuursmodel krijgen. Ten slotte zal de juridische architectuur die ngo’s, universiteiten en ander onafhankelijk maatschappelijk leven heeft verzwakt moeten worden ontmanteld — wetten naar Russisch voorbeeld die organisaties als ‘buitenlandse agenten’ stigmatiseren moeten worden ingetrokken.

Koranyi roept ook de internationale gemeenschap op om actief te helpen: de EU moet vastgehouden middelen snel vrijgeven zodra hervormingsmijlpalen zijn gehaald en technische ondersteuning bieden voor rechterlijke onafhankelijkheid en anticorruptie. Andere lidstaten en de Verenigde Staten behoren de overgang als een gezamenlijk Europees project te ondersteunen en de wil van het Hongaarse volk te respecteren.

Wat in Hongarije gebeurde is volgens Koranyi uitzonderlijk: een land dat jarenlang als voorbeeld van democratisch verval gold, krijgt nu de kans een model te worden voor democratisch herstel — mits de transitie rechtsstatelijk, inclusief en duurzaam wordt uitgevoerd.