Hogere dosis vitamine D tijdens zwangerschap mogelijk gelinkt aan beter geheugen bij kinderen
In dit artikel:
Bijna vijfhonderd kinderen van vrouwen die tijdens de zwangerschap vitamine D gebruikten, werden opnieuw onderzocht tien jaar na de zwangerschap. In de oorspronkelijke studie slikte de helft van de moeders de gebruikelijke 10 microgram per dag, de andere helft 70 microgram; het onderzoek was aanvankelijk opgezet om te kijken naar de preventie van astma (wat geen effect gaf).
Bij de tienjaarse follow-up testten onderzoekers verschillende cognitieve vaardigheden: aandacht, taal, geheugen, planningsvermogen en motoriek. Kinderen van moeders die de hogere dosis kregen, scoorden iets beter op verbaal en visueel geheugen — ze konden woorden en plaatjes gemiddeld iets beter onthouden. Voor de meeste andere vaardigheden werden geen duidelijke verschillen gevonden: intelligentie, reactietijd, aandacht en motorische vaardigheden bleven nagenoeg gelijk.
Tessa Roseboom (hoogleraar Vroege Ontwikkeling en Gezondheid, Universiteit van Amsterdam) waarschuwt dat het hier om beperkte en kleine effecten gaat, en dat de resultaten geen basis vormen om zwangere vrouwen standaard hogere doses vitamine D voor te schrijven. De Gezondheidsraad blijft het advies hanteren van 10 microgram per dag. Bovendien kan te veel vitamine D schadelijk zijn (door verhoogd calciumgehalte in het bloed met mogelijke hart- en nierproblemen), al lag de gebruikte hoge dosis in deze studie onder de officiële grens.
Als praktische kanttekening benadrukken onderzoekers dat zwangeren zich vooral moeten richten op de basis: foliumzuur blijft het belangrijkste supplement en een gezond, gevarieerd eetpatroon is essentieel. Er zijn aanwijzingen dat wat moeders tijdens de zwangerschap eten mede smaakvoorkeuren van kinderen beïnvloedt en mogelijk ook andere gezondheidsuitkomsten op lange termijn.