Hoge olie- en gasprijzen: wat kan de overheid doen (en wat kan je zelf doen)?
In dit artikel:
De oorlog in het Midden-Oosten jaagt de energieprijzen verder op: gas kost inmiddels ongeveer het dubbele van vlak vóór de Israëlische en Amerikaanse aanvallen op Iran, en de Brent-olieprijs steeg van circa 73 dollar per vat naar rond de 119 dollar. Dat vertaalt zich direct in hogere pompprijzen en bedreigt vooral huishoudens en automobilisten bij het aflopen van vaste energiecontracten.
De Nederlandse overheid heeft enkele beleidsopties om de pijn te verzachten. Het meest voor de hand liggende middel is een verlaging van de accijnzen op brandstof, iets dat eerder al werd toegepast na de prijsstijgingen in 2022; die tijdelijke korting loopt tot eind 2026 en is dit jaar wat ingekrompen. Minister-president D. Jetten gaf aan voorlopig niet te willen snoeien in de brandstofaccijnzen. Een alternatief is het goedkoper maken van het openbaar vervoer — de staat is volledig eigenaar van NS en heeft daardoor invloed op tarieven — maar treinkaartjes stegen dit jaar al gemiddeld met 6,25 procent, en Nederland is nog steeds duurder dan buurlanden (in Luxemburg is het OV gratis).
Op internationaal niveau kunnen landen olie uit strategische reserves vrijgeven via het Internationale Energieagentschap (IEA). Ministers van zeven IEA-landen kwamen hierover bijeen; Nederland kan zich later aansluiten. Experts verwachten dat zo’n voorraadvrijgave de markt gerust kan stellen en de prijzen kan dempen, maar het is geen langetermijnoplossing.
Voor huishoudens met lage inkomens bestaan er ook noodfondsen. Het Tijdelijk Noodfonds Energie betaalde in 2025 voor ongeveer 115.000 huishoudens een deel van de rekening; nieuwe aanvragen zijn momenteel niet mogelijk, en een opvolger wordt pas tegen het einde van het jaar verwacht. Onderzoekers stellen dat gerichte steun efficiënter is dan algemene maatregelen die iedereen bevoordelen.
Aan de huishoudelijke kant geldt voorlopig: wie nog een vast tarief heeft merkt weinig, maar bij het aflopen van contracten kunnen de hogere gasprijzen flink binnenkomen. Praktische besparingen zoals korter douchen en het verlagen van de verwarming met een graad kunnen op korte termijn schelen. Al met al zijn er beleidskeuzes met verschillende winnaars en verliezers: breed ingrijpen is snel voelbaar, maar gerichte steun is eerlijker voor mensen met de grootste nood.