Hoewel zorginstellingen beloven dat elke patiënt welkom is en op één staat, is de praktijk anders
In dit artikel:
Tijdens een uitzonderlijk druk weekend op de spoedeisende hulp zag Marcel Levi hoe snel de ziekenhuiscapaciteit tegen haar grenzen aanloopt. In anderhalve dag werden meer dan twintig patiënten opgenomen, waarna alle bedden bezet waren. Tegelijkertijd konden patiënten die medisch hersteld waren niet doorstromen naar vervolgzorg, waardoor nieuwe opnames extra moeilijk werden.
Levi noemt het voorbeeld van een 70-jarige verpleeghuisbewoner die na een ernstige infectie niet naar zijn instelling kon terugkeren, omdat daar in het weekend geen nieuwe bewoners werden opgenomen. Ook binnen de geestelijke gezondheidszorg worden patiënten volgens hem regelmatig geweigerd op grond van organisatorische criteria, zoals een combinatie van suïcidaliteit en een alcoholverleden.
De redenen voor afwijzing hebben volgens Levi doorgaans te maken met personeelsgebrek, beschikbare plaatsen of interne procedures, en niet met de acute behoefte van de patiënt. Dat staat haaks op de veelgebruikte beloftes van zorgorganisaties dat iedere patiënt welkom is en centraal staat. Levi erkent dat middelen en capaciteit beperkt zijn, maar vindt dat instellingen daar eerlijker over moeten communiceren. Met de huidige budgetten en randvoorwaarden kan de patiënt volgens hem in de praktijk niet altijd voorrang krijgen. Levi schrijft de column op persoonlijke titel; hij is bestuursvoorzitter van NWO en voormalig bestuurder van University College London Hospitals en het AMC.
De Oranjezomer: Noa Vahle in discussie met Chris Woerts: 'Al die Eredivisie-fans hebben nu de tv uitgezet!'