Hoeveel vakantiegeld krijg ik in 2026? Vooral lage inkomens gaan erop vooruit
In dit artikel:
Vakantiegeld in 2026 hangt nog steeds af van je bruto‑inkomen: doorgaans is het 8% van je bruto jaarloon, maar hoeveel je netto overhoudt wordt in belangrijke mate bepaald door veranderingen in belastingschijven en heffingskortingen die de overheid vorig jaar doorvoerde en dit jaar bijstelde.
Wie wat merkt
- Parttime werknemers met een bruto maandloon tussen €500 en €750 houden in 2026 evenveel vakantiegeld over als vorig jaar: geen verschil.
- Werkenden met €1.000 bruto per maand krijgen dit jaar substantieel meer vakantiegeld — ongeveer €221 extra.
- Parttimers met een bruto maandloon van €2.000 zien juist een klein verlies: circa €5 minder vakantiegeld dan in 2025. Ook iemand met een modaal salaris (€3.704) krijgt ongeveer €5 minder vakantiegeld.
- Over het algemeen profiteren lage en middeninkomens dit jaar netto van de wijzigingen; sommige inkomensgroepen tussen ongeveer €2.250 en het minimumloon krijgen iets meer vakantiegeld.
Waarom dit effect ontstaat
De veranderingen zijn het gevolg van kleine aanpassingen in de belastingtarieven en van het beleid rond de algemene heffingskorting en de arbeidskorting. De Belastingdienst rekent vakantiegeld mee in je jaarloon bij de definitieve berekening, waardoor je (tijdelijk) in een andere belastingschijf kunt vallen of minder recht op kortingen hebt. De overheid kan met drie instrumenten sturen: de tarieven van de drie belastingschijven, de algemene heffingskorting en de arbeidskorting. Omdat die knoppen dit jaar zijn bijgesteld, veranderen de netto‑bedragen die mensen van hun vakantiegeld overhouden.
Belastingschijven en kortingen (korte toelichting)
- Nederland kent drie tarieven: 35,75% tot €38.883; 37,56% van €38.884 tot €78.426; en 49,5% boven €78.426.
- De algemene heffingskorting is inkomensafhankelijk, met dit jaar een maximaal bedrag van €3.115 bij een inkomen rond €29.736 en een afbouw bij hogere inkomens; deze korting loopt bij inkomen vanaf €78.427 volledig terug.
- De arbeidskorting bestaat ook en bouwt af boven bepaalde inkomens (effectief stopt die bij zeer hoge lonen).
Reparatiemaatregel en misvattingen
Naar aanleiding van kritiek dat parttimers vorig jaar erop achteruitgingen, nam de overheid in het Belastingplan 2026 een reparatiemaatregel om die groep te compenseren. Salarisexpert Karin Stam (ADP) legt uit dat de optelsom van tarief‑ en kortingswijzigingen bepaalt wie er netto op vooruit of achteruitgaat. Een hardnekkige misvatting is dat vakantiegeld zwaarder wordt belast; in werkelijkheid is het een correctiemechanisme omdat vakantiegeld eenmaal per jaar wordt uitgekeerd en daardoor heffingskortingen en belastingtarief opnieuw worden toegepast. Betaalde vakantietoeslag maandelijks uitsmeren zou die correctie overbodig maken, maar het jaarbedrag blijft gelijk.
Kort gezegd: door gerichte aanpassingen in 2026 houden veel lage en middeninkomens netto meer over, terwijl voor enkele inkomensgroepen het verschil beperkt of negatief uitvalt.