Hoe verder met Bijbels gesprek over homo-zijn?

maandag, 8 juni 2026 (19:52) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Stichting Hart van Homo’s reageert op kritiek van Jan‑Dirk Liefting (RD, 29 mei) dat hun studiedag “Homoseksualiteit en kerk” op 8 mei, mede georganiseerd met de Theologische Universiteit Apeldoorn (TUA), zou zijn gehouden zonder een op de Schrift gefundeerde ethiek. De auteurs van de reactie benadrukken dat juist het tegenovergestelde waar is: de Bijbelse ethiek — dat de Schrift geen ruimte biedt voor seksuele relaties tussen mensen van hetzelfde geslacht — werd als uitgangspunt verondersteld en zodoende niet meer ter discussie gesteld. De studiedag richtte zich nadrukkelijk op de praktische, pastorale vraag hoe homoseksuele gemeenteleden een volwaardige plaats kunnen hebben binnen de gemeente binnen die bijbelse kaders.

Hart van Homo’s maakt onderscheid tussen twee stromingen binnen reformatorische kringen. De ene stroming ziet “homo‑zijn op zich” als zondig; de andere, waar de stichting zich rekent, oordeelt dat de seksuele gerichtheid op zichzelf geen zonde is, en dat het aankomt op hoe mensen met die gevoelens omgaan. De stichting stelt dat deze nuance niet wegneemt dat zij de Bijbelse norm serieus neemt; op de website staat een uitgebreid visiedocument waarin hun standpunt bijbels wordt beargumenteerd.

Twee hoofdredenen onderbouwen hun afwijzing van het label “homo‑zijn = zonde”. Ten eerste, aldus Hart van Homo’s, behandelt de Schrift vooral gelijkgeslachtelijke seksuele handelingen als problematisch, maar thematiseert zij niet expliciet seksuele oriëntatie of identiteit. Er is wel ruimte om bepaalde verlangenstypes (vergelijkbaar met Mattheüs 5:28) als zondig te duiden, maar dat betekent volgens hen niet dat elke homoseksuele gedachte of gerichtheid automatisch als zondig moet worden aangemerkt. Ten tweede putten zij uit pastorale ervaring: zij kennen meerdere gevallen waarbij het stigmatiseren van homoseksuele gevoelens als wezenlijke zonde schade heeft aangericht. Dat praktische leed versterkt hun overtuiging dat een benadering die waarheid en genade dicht bij elkaar houdt beter past bij christelijke hulpverlening.

De auteurs wijzen Liefting er ook op dat zijn kritiek de werkelijke inzet van de studiedag verkeerd voorstelt. Ze vragen om erkenning van het feit dat binnen dezelfde theologische kaders ruimte is voor verschil van inzicht over waardering en pastorale omgang met homoseksualiteit, en pleiten ervoor dat men elkaar dit verschil laat en elk zijn eigen pastorale koers laat varen. Tot slot benadrukken ze dat hun benadering niet lichtzinnig of onbijdzaam ten opzichte van de Schrift is, maar juist voortkomt uit zorg voor jongeren die willen leven naar Gods Woord en daarbij pastorale handreikingen nodig hebben.

Context: het stuk speelt in binnen de Nederlandse protestantse discussie over homoseksualiteit en pastoraat, waarin spanningen bestaan tussen behoud van traditionele bijbelse interpretaties en aandacht voor pastorale gevoeligheid richting homoseksuele gelovigen.

BEKIJK OOK:

De Oranjezomer: Merel van Dongen na uitspraken Pierre van Hooijdonk: 'Hij heeft een vuurtje in mij aangewakkerd!'