Hoe Theo (53) uit Gieten de WOII-jeep van zijn overleden vriend Johan een nieuw leven gaf
In dit artikel:
Op Bevrijdingsdag trok een colonne van dertig Tweede Wereldoorlog‑voertuigen van Delfzijl naar Farmsum, een rit bedoeld om in de voetsporen van de bevrijders te rijden en de herinnering levend te houden. De optocht, samengesteld uit jeeps, trucks en ander oud militair materieel, werd gereden door leden van de vereniging Keep Them Rolling en geleid door oorlogsgids Joël Stoppels uit Groningen. Op het terrein van Groot Bronswijk in Wagenborgen verzamelden zich veel toeschouwers om het ronkende erfgoed te bekijken.
De deelnemers brachten persoonlijke verhalen mee. Theo Brink (53) uit Gieten rijdt in een Willys Jeep uit 1942 die hij in 2019 overnam van zijn zieke vriend Johan van Waard; Brink bewaart een briefje dat hem eraan herinnert het voertuig goed te verzorgen. Zijn familiegeschiedenis verklaart deels zijn belangstelling: zijn grootvader Thie Brink raakte tijdens de geallieerde bombardementen op vleesverwerkingsfabriek Udema op 12 april 1945 gewond en verloor een arm. Dat bombardement, waarbij ook burgers omkwamen, liet een blijvende indruk achter in de familie.
Andere eigenaren koppelen hun voertuigen aan bredere herinnering en hobby. Jos Hamminga (52) uit Meeden bezit een GMC‑truck die tijdens de laatste oorlogsfase in Noordwest‑Europa werd ingezet; het model is tamelijk talrijk, maar voor hem hoort het materieel bij de herdenking. John Cooper (61) uit Ottawa reisde naar Groningen om zijn stiefvader te eren, die in Wagenborgen vocht en de oorlog overleefde maar blijvende gehoorbeschadiging opliep. Otto Brinkhuizen (75) uit Groningen verscheen met een jeep omdat zijn Harley‑Davidson WLA Liberator uit 1942 in reparatie is — een model dat tijdens de bevrijding veel voor verkenning en koeriersdiensten werd gebruikt en later ook voor paradegebruik, onder andere in New York.
De lokale verhalen zijn ingebed in de historische context van de zogeheten ‘Delfzijl‑pocket’. Na de bevrijding van de stad Groningen op 16 april 1945 hielden Duitse troepen in het noordoosten stand; vanaf 21 april vonden er felle gevechten plaats rond plaatsen als Wagenborgen en Appingedam. In die regio kwamen 102 Canadese soldaten om het leven. De Duitsers gaven zich uiteindelijk op 1 mei in Delfzijl over; de laatste eenheden capituleerden op 2 mei.
De rit combineerde erfgoedrestauratie met persoonlijke en collectieve herinnering: de voertuigen fungeren als rijdende monumenten en bieden aanleiding voor het delen van familieverhalen en het uitleggen van lokale oorlogsgeschiedenis aan jongere generaties.