Hoe Singapore probeert historisch winkelerfgoed te redden: 'Met alleen geld wordt de stad een soort openluchtmuseum'

dinsdag, 21 april 2026 (14:31) - Het Parool

In dit artikel:

Singapore heeft een proefprogramma opgestart om historische, kleinschalige winkels te beschermen door ze niet financieel te subsidiëren, maar door ze zakelijk en digitaal te versterken. Eind vorig jaar selecteerde de National Heritage Board (NHB) — onderdeel van het ministerie van Cultuur, Gemeenschap en Jeugd — 42 ondernemingen die volgens de commissie diep verweven zijn met het culturele weefsel van de stad. In plaats van huurplafonds of directe geldsteun krijgen deze “SG Heritage Businesses” marketingondersteuning, hulp bij digitalisering, adviestrajecten en promotie via overheidskanalen.

De aanleiding is herkenbaar: traditionele eenmanszaken en gespecialiseerde winkels verdwijnen wereldwijd uit winkelstraten onder druk van stijgende huren en veranderend koopgedrag. Onderzoek van de NHB toonde bovendien een kloof tussen waardering en koopgedrag: ruim zeventig procent van de inwoners vindt deze zaken belangrijk voor de stadsidentiteit, maar minder dan de helft doet er regelmatig aankopen. Het doel van het programma is die afstand te verkleinen door de zichtbaarheid en aantrekkingskracht van zulke zaken te vergroten, vooral onder jongere consumenten die vaak digitaal actief zijn.

De selectie omvat uiteenlopende voorbeelden van cultureel en culinair erfgoed: een bloemenwinkel die traditionele Indiase bloemenslingers maakt, een reisbureau gespecialiseerd in bedevaarten voor de moslimgemeenschap, en familiebedrijven die generatiesoude recepten en ambachten voortzetten, zoals een banketbakker met beroemde eiertaartjes. Ondernemers kunnen zichzelf aanmelden en ook inwoners mogen winkels voordragen; het NHB ontwikkelt daarnaast maatwerkadviezen om veelvoorkomende knelpunten zoals onbekendheid met subsidies of digitale kansen aan te pakken.

Amsterdam fungeert in het artikel als directe vergelijking: recente sluitingen van authentieke zaken — zoals boekhandel Xantippe, Firma Weijntjes en thee- en koffiezaak ’t Zonnetje — roepen bij veel Amsterdammers ergernis en verdriet op. Stadshistoricus Clé Lesger juicht de Singaporese aanpak toe: niet primair geld in oude winkels pompen, maar inzetten op zichtbaarheid en klantenwerving zodat winkels zich kunnen aanpassen en blijven bijdragen aan de lokale sfeer. Hij waarschuwt dat bij louter subsidiering het risico bestaat dat steden veranderen in openluchtmusea zonder levendige klantrelaties. Juridische en praktische bezwaren maken maatregelen als huurplafonds in Amsterdam lastig te realiseren, zo merkt hij op; een ondersteuningsprogramma à la Singapore is wel haalbaar.

De eerste signalen uit Singapore zijn positief: enkele deelnemers rapporteerden stijgende omzet of gebruiken het heritage-logo in hun verpakkingen. Het NHB benadrukt echter dat overheidssteun alleen niet volstaat: voor duurzame continuïteit zijn opvolging door nieuwe generaties en blijvende klantenstromen nodig. Voor steden als Amsterdam biedt het Singaporese model een alternatief instrument: erkenning en marketingkracht om historisch winkelerfgoed relevant te houden in een snel veranderend retaillandschap.