Hoe rechercheur Carlo Schippers iets bijzonders ontdekt aan vrouw zonder hoofd en handen
In dit artikel:
Recherchekundige Carlo Schippers blikt in zijn nieuwe boek Denken als de dader terug op 45 jaar politiewerk, met casuïstiek en scherpe analyses over geweld tegen vrouwen, profilering en opsporingspraktijken. Schippers, inmiddels gepensioneerd en woonachtig in Canada, werkte decennialang als profiler; hij stelde daderprofielen op, adviseerde bij verhoren en volgde in 1990 een jaartraining bij de FBI.
Een centrale zaak in het boek is de vondst in het najaar van 1994 van een volledig ontklede vrouw zonder hoofd en handen in een tunneltje onder een snelweg. Forensisch onderzoek wees uit dat het slachtoffer gezond was geweest, wat bepaalde scenario’s (zoals leven als verslaafde prostituee) minder waarschijnlijk maakte. Schippers concludeerde op basis van snijwonden en andere aanwijzingen dat de dader handelde vanuit gewelddadige seksuele fantasieën en dat hij een groot risico vormde om opnieuw toe te slaan. Pas vijf jaar later leidde een bericht van het Duitse Bundeskriminalamt naar een mogelijke verdachte: een Duitse man die in de jaren negentig al voor meerdere moorden was aangehouden en die in 1994 had gezegd dat hij een lifter uit Nederland had meegenomen. Later bleek bij die man een geschiedenis van dierenmishandeling, seksueel misbruik en zelfs inbraken bij uitvaartbedrijven voor seksuele handelingen. Schippers gebruikt dit soort voorbeelden om te laten zien hoe gedragspatronen en vroegkinderlijke signalen samenhangen met escalatie naar dodelijk geweld.
In zijn boek onderscheidt Schippers verschillende typen verkrachters en benadrukt hij dat seksuele sadisten veruit het gevaarlijkst zijn: zij gebruiken extreme vernedering en geweld, en schuwen moord niet om hun lusten te bevredigen. Hij illustreert dit aan een zaak uit januari 1993 in Rotterdam, waar een vrouw op uiterst beestachtige wijze werd aangevallen, bedreigd met een mes en vernederd, en slechts ontsnapte doordat ze hulp kon bereiken ondanks zware verwondingen. De dader werd later ontoerekeningsvatbaar verklaard en kreeg tbs.
Schippers uit stevige kritiek op hoe politie en justitie in het verleden met meldingen over stalking en geweld in huiselijke kring zijn omgegaan. Volgens hem leidde versnipperde verantwoordelijkheid tussen korpsen tot onvoldoende aandacht voor de opbouw van intimiderend gedrag, en wordt geweld tegen vrouwen vaak te verzachtend gebracht in de media met termen als “familiedrama”. Hij waarschuwt dat dergelijke taal en handelwijze het probleem bagatelliseren en de ernst van structureel dwingend gedrag verhullen.
Verder bespreekt Schippers verhoortechnieken: hij keert zich tegen “harde” druk tijdens ondervragingen omdat die tot valse bekentenissen kan leiden, maar pleit ook voor waakzaamheid tegen vluchtige psychiatrische verklaringen van verdachten. Hij draagt bij aan praktische verbeteringen: hij is in Nederland betrokken geweest bij de invoering van het amber alert voor vermissingen.
Tussen de zware thema’s door deelt Schippers anekdotes uit zijn loopbaan die de soms onvoorstelbare kanten van het politiewerk tonen. Het boek biedt zowel een inkijk in complexe zaken en profileringsmethoden als een kritische reflectie op fouten binnen opsporing en berichtgeving rond geweld tegen vrouwen.