Hoe het waterstofnet kampt met een kip-eiprobleem
In dit artikel:
Nederland legt een grootschalig netwerk aan om waterstof te transporteren: een uiteindelijke ‘backbone’ van ongeveer 1.200 km, waarvan het eerste stuk van 32 km recent is opgeleverd. Gasunie (via dochter Hynetwork) voert het werk uit; veel trajecten bestaan uit opnieuw gebruikte, buiten gebruik geraakte aardgasleidingen (ongeveer 60%). Voormalig minister Rob Jetten gaf in juni 2022 groen licht voor het transportnet. Honderden medewerkers werken inmiddels aan aanleg en voorbereiding van alle tracés, maar het proces vergt tijd door vergunningen, keuze van routes en onderhandelingen met grondeigenaren.
Doelstellingen en planning
- Tegen 2030 moeten vier van de vijf grote industriële clusters aangesloten zijn: Rotterdam, Zeeland, Groningen en het Noordzeekanaalgebied rond Amsterdam.
- In 2030 wordt ook een eerste verbinding met het Duitse waterstofnet verwacht; Gasunie tekende daarvoor afspraken met het Duitse Thyssengas.
- Na 2030 wordt de rest van de backbone aangelegd, met aansluiting van het laatste cluster (Chemelot in Limburg) rond 2033.
Knelpunten: het kip-eiprobleem
Er bestaat een klassiek dilemma: moet eerst de infrastructuur liggen of moeten afnemers en producenten eerst zekerheid over vraag en prijs krijgen? Industriële gebruikers willen duidelijkheid over leverprijzen voordat ze investeren; producenten willen garanties dat er kopers zijn. Daardoor dreigt een vicieuze cirkel waarbij netten worden aangelegd zonder directe afnemers en kopers wachten tot de prijzen dalen bij grotere volumes.
Maatregelen en oplossingen
TNO-expert Rene Peters voorziet op langere termijn wél sterke vraag: waterstof kan olie en gas vervangen in toepassingen zoals grondstoffen voor plastics, duurzame kerosine, kunstmest en scheepvaart, en Europese regels zullen vraag afdwingen. Om het startprobleem te doorbreken zijn overheidsinterventies nodig. Duitse voorbeelden:
- H2Global: een staatsgesubsidieerde tussenhandelaar die waterstof inkoopt bij goedkope producenten en aan de hoogste bieders verkoopt, waarbij de overheid het prijsverschil compenseert.
- Amortisatie: aanlegkosten over een langere periode spreiden zodat de eerste gebruikers niet geconfronteerd worden met zeer hoge tarieven.
Gasunie en de Nederlandse overheid werken aan voorspelbare, betaalbare tarieven naar Duits model.
Opslag en logistiek
Grote opslagcapaciteit is cruciaal als buffer voor variabele duurzame productie. In Zuidwending moet tegen 2030 een zoutcaverne klaar zijn voor grootschalige waterstofopslag. Voor import uit zonnigere gebieden kijkt de sector naar energiedragers: ammoniak is voorlopig het meest voor de hand liggende middel voor overzees transport; terminals zoals Vopak zien hierin een belangrijke rol, inclusief het kraken van ammoniak naar waterstof bij aankomst.
Stand van de markt
Waterstofprojecten vertragen soms maar worden steeds zelden geannuleerd; de sector rijpt. Prijs blijft de grootste bottleneck, maar met meer volume en standaardisatie zullen kosten naar verwachting afnemen.