Hoe het kabinet draagmoederschap wil bevorderen
In dit artikel:
Nederland kent nog geen formele regeling voor draagmoederschap, maar die is volgens de staatscommissie Herijking Ouderschap en de regering nodig. In de praktijk zoeken Nederlandse wensouders vaak zelf een draagmoeder of gaan ze naar het buitenland. Een recente uitspraak van de rechtbank Den Haag illustreert de huidige praktijk: twee mannen (gehuwd sinds 2010) gebruikten een Amerikaanse draagmoeder; in een Canadees laboratorium werden embryo’s gemaakt met zaad van de ene man en eicellen van een nicht van de andere man. Na de geboorte in de Verenigde Staten deden de draagmoeder en haar partner afstand van het ouderschap, waarna het kind bij de wensouders ging wonen. De rechtbank erkende de mannen als juridische ouders en liet het kind in het Nederlandse geboorteregister inschrijven, waarbij het belang werd onderstreept dat kinderen hun biologische herkomst moeten kunnen achterhalen.
Formeel voert Nederland een ontmoedigingsbeleid: bemiddelingsbureaus zijn verboden, draagmoeders mogen zich niet via advertenties aanbieden, wensouders mogen geen oproepen via sociale media plaatsen en het is niet toegestaan een vrouw te betalen om een kind te dragen. In 2016 waarschuwde de staatscommissie voor risico’s bij internationaal draagmoederschap: mogelijk onvoldoende bescherming van draagmoeders, vervaging van de grens met kinderkoop en het risico op kinderhandel, en het feit dat kinderen uit buitenlandse trajecten vaak geen toegang hebben tot hun ontstaansgeschiedenis.
Op basis van dat advies ontwikkelde het kabinet een wetsvoorstel. Oud-minister Sander Dekker begon het proces; zijn opvolger Franc Weerwind diende het wetsvoorstel medio 2023 in bij de Tweede Kamer. Het huidige kabinet heeft in het regeerakkoord aangegeven de behandeling voort te zetten; de Tweede Kamer moet nog over het voorstel debatteren. Kernpunten van het voorstel zijn dat wensouders en draagmoeder vóór de conceptie een verzoek tot goedkeuring bij de rechter indienen en dat, bij toestemming, de wensouders vanaf de geboorte de juridische ouders zijn. Daarmee wordt de mogelijkheid voor een draagmoeder om haar beslissing terug te draaien sterk beperkt: herroeping van de draagmoederovereenkomst kan uiterlijk tot drie maanden na de geboorte bij de rechter plaatsvinden. Tijdens de zwangerschap behoudt de draagmoeder wel het beslissingsrecht over medische ingrepen, inclusief een eventuele abortus. De rechter toetst of de draagmoeder vrijwillig instemde; leeftijd kan meewegen, maar er zijn geen harde criteria.
Experts en maatschappelijke organisaties maken zich zorgen over onderdelen van het wetsvoorstel die internationaal draagmoederschap zouden vergemakkelijken, vanwege het blijvende risico op misstanden en op ontbrekende afstammingsinformatie voor kinderen uit buitenlandse trajecten.