Hoe grootbedrijven crises gebruiken om winsten op te voeren

dinsdag, 10 maart 2026 (15:02) - Indepen

In dit artikel:

Graaiflatie is een samenvoeging van “graaien” en “inflatie” en verwijst naar prijsstijgingen waarbij bedrijven meer rekenen dan strikt gerechtvaardigd door hogere kosten, zodat extra winst wordt binnengehaald. Het woord kreeg in 2023 veel aandacht — de vakbond FNV kroonde het tot woord van het jaar — omdat consumenten het in crisistijd vooral als een moreel verwerpelijke praktijk ervaren: bedrijven zouden “meeliften” op algemene prijsdruk om hun marges op te schroeven.

Onderzoek bevestigt dat dit fenomeen reëel is. De Rabobank concludeerde in 2023 dat veel, met name internationaal opererende multinationals hun prijzen harder opdreven dan nodig was op basis van stijgingen in grondstoffen, energie en lonen. Het IMF en de ECB vonden hetzelfde: vooral spelers in voeding en energie verhoogden prijzen zodanig dat een substantieel deel van de recente inflatie toegeschreven kan worden aan extra winstbejag (unit profits). De ECB toonde in eind‑2022 dat ongeveer de helft van de inflatie in het eurogebied uit die hoek kwam; de andere helft hing samen met loonsstijgingen.

In Nederland worden namen als Shell, Unilever en Ahold vaak genoemd als voorbeelden. Foodwatch rekende uit dat grote voedselproducenten en -verkopers de afgelopen jaren torenhoge winsten hebben geboekt, omdat prijsstijgingen en verstoringen in de keten werden gebruikt om winstmarges te vergroten — soms veel sneller dan de inflatie zelf.

Graaiflatie is nu weer duidelijk zichtbaar door de recente onrust in het Midden‑Oosten (begin maart 2026). Brandstofprijzen aan de pomp schieten omhoog, terwijl de benzine die nu verkocht wordt vaak is geproduceerd uit olie die weken eerder tegen lagere prijzen opgepompt is. Dat tijdsverschil maakt het extra zichtbaar wanneer retailers of oliemaatschappijen prijzen direct en fors verhogen: de opname van hogere kosten wordt daarmee gebruikt als rechtvaardiging voor extra marge.

De terugkeer van graaiflatie hangt samen met bredere risico’s. Aangetaste aanvoerlijnen en dreigende tekorten door de oorlog kunnen leiden tot een nieuwe wereldwijde inflatiegolf. Voor centrale banken als de FED en de ECB ontstaat een lastig dilemma: hogere rente is de standaardreactie op inflatie, maar veel overheden en bedrijven zitten nu al met zeer hoge schulden. Strakke renteverhogingen zouden daardoor zware economische pijn kunnen veroorzaken en in het ergste geval nieuwe schuldencrisissen uitlokken. Als de oorlog lang aanhoudt, waarschuwen economen voor het gevaar van een recessie van een omvang sinds 2008, waar de klassieke remedies (nulrente, grootschalige geldcreatie) beperkt toepasbaar zijn.

Praktisch betekent dit voor consumenten: houd fuelprijzen en supermarktprijzen scherp in de gaten. Niet alle prijsstijgingen zijn puur het gevolg van hogere grondstof- of productiekosten; een deel kan voortkomen uit bedrijven die hun marges benutten om extra winst te maken — het kernprobleem van graaiflatie.