Hoe extreemrechts kan groeien als de Europese Commissie geld weghaalt bij de regio's
In dit artikel:
De Europese Commissie wil vanaf 2028 de directe EU-steun aan regio’s vervangen door nationale en regionale partnerschapsplannen. Lidstaten krijgen daarmee meer vrijheid om EU-geld te verdelen, terwijl Brussel sterker kan sturen op economische concurrentiekracht, begrotingsdiscipline en andere Europese prioriteiten. De onderhandelingen over het voorstel moeten in oktober 2025 de laatste fase ingaan; een akkoord wordt voor het einde van het jaar verwacht.
Het huidige Regiobeleid, ook Cohesiebeleid genoemd, omvat voor 2021-2027 ongeveer 392 miljard euro, bijna een derde van de EU-begroting. Het geld gaat rechtstreeks naar regio’s en heeft onder meer wegen, openbaar vervoer, digitale infrastructuur en omscholing gefinancierd. Polen ontving sinds de toetreding in 2004 ruim 250 miljard euro. Nederland krijgt in deze periode ruim 378 miljoen euro uit een programma voor internationale projecten en kan daarnaast rekenen op middelen uit het Just Transition Fund.
In de Poolse provincie Łódź helpt 369 miljoen euro de economie te vernieuwen terwijl de vervuilende bruinkoolcentrale en mijn van Belchatów binnen tien jaar moeten sluiten. De subsidies worden gebruikt voor infrastructuur, omscholing en het aantrekken van bedrijven zoals Miele en Whirlpool. Burgemeester Hanna Zdanowska vreest dat het verdwijnen van directe steun de frustratie onder inwoners vergroot. In de regio stemt al ongeveer 40 procent op de klimaatsceptische en eurosceptische PiS.
Ook bestuurders van andere kwetsbare gebieden waarschuwen. Op de Azoren dreigen projecten voor digitale infrastructuur en zeeonderzoek te worden stilgelegd; meer dan 12.000 Europese lokale bestuurders vrezen hun invloed en financiering te verliezen. Volgens onderzoekers van het Kiel Institut vermindert directe regiosteun de populariteit van populistische, vooral extreemrechtse partijen met 15 tot 20 procent. Het schrappen ervan kan volgens hen het beeld versterken dat de EU een elitair project is dat achterblijvende gebieden negeert.
Critici binnen en buiten de Commissie zien het voorstel bovendien als een machtsverschuiving naar Brussel. Door geld te koppelen aan economische voorwaarden zou Commissievoorzitter Ursula von der Leyen nationale regeringen vergaande hervormingen kunnen opleggen. Rijke landen zoals Nederland steunen de vereenvoudiging, terwijl onder meer Frankrijk, Spanje en Italië en de groep Friends of Cohesion vrezen voor te veel Brusselse macht. Zij waarschuwen dat een sterke focus op concurrentiekracht investeringen in openbaar vervoer, huisvesting en voorzieningen in arme regio’s kan verdringen en zo de voedingsbodem voor populisme vergroot.
Vandaag Inside: René van der Gijp geniet van héérlijke oude beelden na nieuws over tv-terugkeer 'Ik Geloof in Mij'