Hoe directeuren van een Zeeuws havenbedrijf terechtkwamen in een criminele vete met Bolle Jos in een hoofdrol

zaterdag, 16 augustus 2025 (14:49) - NRC Handelsblad

In dit artikel:

Bulk Terminal Zeeland (BTZ) groeide in enkele jaren uit van een klein overslagbedrijf in Vlissingen tot een ambitieuze speler met grote investeringen — maar raakte tegelijk verstrikt in internationale cocaïnecriminaliteit. Het bedrijf, opgericht in 2015 en mede-eigenaar Jacco G. leidend, kocht in april 2021 een reusachtige hydraulische kraan, bijgenaamd "de Hulk" (een 20-asser met 40 meter spanwijdte) en kondigde een groeistrategie aan waarbij omzet jaarlijks zou verdubbelen. Voor uitbreiding van opslagcapaciteit leende BTZ 21 miljoen euro van ABN Amro; havenbedrijf North Sea Port stopte 40 miljoen in kadeverlenging en uitdieping om grotere schepen te kunnen bedienen.

Tegelijkertijd begonnen justitie en politie zich zorgen te maken. Sinds 2017 waren er al signalen: een partij cocaïne die toen in Rotterdam werd gevonden, was tijdelijk opgeslagen op terrein dat aan BTZ gelieerd was. In 2019 kwamen er via Meld Misdaad Anoniem meldingen binnen over smokkel via het bedrijf, maar die leidden niet tot direct onderzoek. In 2020 raakten Vlaamse onderzoekers ervan overtuigd dat twee belangrijke cocaïnesmokkelaars, de Vlaming Flor Bressers en de Bosnische-Vlaming Sani Al Murdaa (gelinkt aan de Skaljari-clan), BTZ als route wilden gebruiken. Het plan omvatte het via Vlissingen binnenbrengen van duizenden kilo’s cocaïne — een partij ter waarde van meer dan 100 miljoen euro — door drugs te verbergen in bulkladingen.

Een cruciale doorbraak kwam door ontmanteling van het versleutelde netwerk Sky ECC: Europese opsporingsdiensten wisten in 2021 berichten te ontcijferen. Kort na de presentatie van de Hulk begon de politie de drie BTZ-directeuren te observeren en af te luisteren. Uit de vrijgegeven communicatie blijkt hoe criminele partijen bigbags met kolen en andere bulkgoederen gebruikten om drugs te verstoppen en logistiek te organiseren. Een concreet geval uit januari 2021 toont dat tussen 250 ton kolen, verpakt in bigbags, 21 zakken verborgen waren met ruim 1.550 kilo cocaïne en 435 kilo cocaïnebase. De operatie liep echter tegen praktische problemen aan (kapotte oude bigbags, ruimtegebrek op het terrein) en vergde transport via aangrenzende bedrijven en ritten naar een loods in Temse (B). Bij de afronding van die ritten kregen betrokken BTZ-directeuren betalingen; uit berichten bleek onenigheid over wie de transportkosten droeg, wat escaleerde in geweld tegen een directeur.

Het dossier laat ook zien dat Al Murdaa een gewelddadige machtsstrijd voerde met een andere grote speler, Jos Leijdekkers (alias Bolle Jos). Opsporingsdiensten vreesden dat BTZ werd meegesleurd in zo’n criminele vete en dat er contacten bestonden met corrupte douaniers, politiefunctionarissen en zelfs mensen met toegang tot Interpol-informatie. Die risico’s leidden ertoe dat delen van het onderzoek in het voorjaar van 2021 werden stilgelegd uit angst voor lekken en vergeldingsacties.

In 2024 zette het OM een besloten embargo-onderzoek en undercoverwerk op. Een infiltrant legde afspraken vast waaruit bleek dat BTZ-medewerkers bereid waren tegen betaling van medewerking bij het smokkelen van kleinere partijen (bijvoorbeeld honderd kilo voor 180.000 euro). Bij de arrestatie van directeur Ko de K. vonden agenten gemarkeerde bankbiljetten die door de undercoveragent waren gebruikt; bij Jacco G. werden geen contanten aangetroffen. Jacco ontkent betrokkenheid en stelt dat justitie zijn bedrijf kapot heeft gemaakt.

Uiteindelijk werden de directieleden in mei 2024 aangehouden en kort daarna werd BTZ failliet verklaard; de opvallende groene Hulk verdween van het terrein. Het strafrechtelijk onderzoek loopt nog: het Nederlandse Openbaar Ministerie verdenkt betrokkenen van hand- en spandiensten bij cocaïnesmokkel, terwijl Belgische en Nederlandse opsporingsinstanties de banden tussen de havenfaciliteit en internationale drugsgroepjes verder in kaart proberen te brengen.

Achtergrondcontext: de groei van BTZ hing ook samen met de energietransitie (aanvoer van basalt voor offshore windfunderingen en houtsnippers voor biomassa), waardoor de vraag naar bulkoverslag toenam. Die commerciële expansie maakte BTZ aantrekkelijk als logistieke schakel — een kwetsbaarheid die criminele netwerken probeerden uit te buiten. De zaak illustreert hoe legale havencapaciteit en investeringen problematisch kunnen worden als georganiseerde misdaad grip krijgt op processen en medewerkers.