Hoe de wolf zich aanpast aan Nederland
In dit artikel:
Wolven in Nederland passen zich aan een dichtbevolkt, intensief gebruikt landschap aan. Dat blijkt uit monitoring en veldwaarnemingen op de Veluwe die Erik Koffeman van Faunabeheereenheid Gelderland op 18 september presenteerde tijdens de Nationale Faunadag bij IPC Groene Ruimte. Hij gebruikt de term ‘Nederwolf’ voor een wolf die van jongs af aan met mensen, wegen, landbouw en recreatie te maken heeft; het gaat niet om een aparte ondersoort.
Een gezenderde, solitaire wolf legde meer dan 2.500 kilometer af door onder meer Drenthe, Gelderland en Utrecht zonder door mensen te worden gezien. Volgens Koffeman bewijst dit dat het uitblijven van waarnemingen niet betekent dat er geen wolven zijn. Ook kunnen vrijgekomen territoria snel opnieuw worden bezet.
De aanwezigheid van de wolf beïnvloedt het gedrag van wilde prooidieren. Wilde zwijnen en edelherten trekken vaker in grotere groepen op, waardoor ze gevaar eerder kunnen signaleren en zich beter kunnen verdedigen. Reeën worden juist minder zichtbaar en zijn steeds vaker actief tijdens rustige uren en ’s nachts. Daardoor moeten beheerders bij tellingen niet alleen naar aantallen kijken, maar ook naar groepsgrootte, verspreiding, zichtbaarheid en activiteitstijd.
De wolf kan vooral jonge dieren, zoals kalveren, doden en de groei van populaties afremmen. Hij neemt het wildbeheer echter niet volledig over: onder gunstige omstandigheden kunnen populaties blijven groeien. Menselijk beheer blijft daarom nodig om overbegrazing te beperken en bosverjonging en biodiversiteit te ondersteunen.
Ook de bescherming van gehouden dieren blijft een structurele opgave. Kuddedieren zijn vaak kleiner, anders samengesteld en door rasters beperkt, waardoor ze zich minder goed kunnen verdedigen. Op de Veluwezoom gebruikt de Rhedense Schaapskudde daarom naast wolfwerende rasters beschermingshonden.
Nederlandse wolven leren bovendien geleidelijk hoe mensen reageren. Zolang zij afstand houden, hoeft menselijke aanwezigheid geen probleem te zijn, maar gewenning kan ontstaan wanneer dieren merken dat mensen geen bedreiging vormen. Koffeman pleit daarom voor tijdig en consequent optreden, bijvoorbeeld met aversieve conditionering. In overgangsgebieden zijn duidelijke gedragsregels nodig en binnen de bebouwde kom moet duidelijk zijn dat wolven er niet welkom zijn.
Volgens Faunabeheereenheid Gelderland betekent co-existentie dus niet simpelweg de wolf zijn gang laten gaan. Samenleven vraagt om voortdurende monitoring, bescherming van vee, aangepast populatiebeheer en duidelijke grenzen. De terugkeer van de toppredator verandert niet alleen het gedrag en de aantallen van hoefdieren, maar ook de inrichting van het landschap en de manier waarop natuurbeheer wordt uitgevoerd.
Vandaag Inside: Shelly Sterk wijst op belangrijk voordeel voor Max Verstappen op hobbelig Circuit of The Americas