Hoe de voetbalwereld in een paar dagen ontplofte: dit was de week van Infantino
In dit artikel:
FIFA-voorzitter Gianni Infantino is in korte tijd het middelpunt geworden van een diepe machtsstrijd binnen het internationale voetbal. Kort na het WK 2026 maakte FIFA bekend een nieuw bedrijf, FIFA Forward Enterprise (FFE), te willen oprichten. Dat bedrijf zou het wereldkampioenschap gaan beheren en aandelen kunnen verkopen aan private investeerders, onder wie Joshua Kushner, de broer van Trumps schoonzoon.
De UEFA reageerde vrijwel onmiddellijk woedend en stelde dat niemand eigenaar van het voetbal mag worden. Ook de Aziatische bond AFC en CONCACAF, de bond voor Noord- en Midden-Amerika en het Caribisch gebied, keerden zich tegen het plan. Daarmee kreeg Infantino oppositie van bonden die samen meer dan de helft van de FIFA-leden vertegenwoordigen.
Infantino verdedigde zijn voorstel in een videoboodschap als een kans om de wereldwijde ontwikkeling van voetbal te versnellen. Europese bonden besloten daarop tot een spoedoverleg en dreigden vervolgens met een boycot van FIFA-toernooien zolang het plan op tafel bleef. Ook de KNVB noemde het voorstel onjuist en zette vraagtekens bij het vertrouwen in Infantino.
De crisis verergerde toen FIFA-bestuurders zeiden dat Infantino hen had misleid. Operationeel directeur Kevin Lamour sprak van een eenmansactie en topadviseur Carlos Cordeiro stapte op. Bovendien distantieerde de Amerikaanse president Donald Trump zich publiekelijk van de FIFA-voorzitter.
Na een nachtelijke verklaring waarin Infantino erkende dat het project verdeeldheid had veroorzaakt, trok hij het plan in. Dat bracht de rust niet terug: de UEFA zegde het vertrouwen in hem op, waarbij meerdere nationale bonden, waaronder de KNVB, zich aansloten. CONCACAF riep op tot een grondige herziening van het FIFA-bestuur. Infantino staat daardoor voor een onzekere toekomst als voorzitter.
De Oranjezomer: Rutger Castricum ziet Michael Reiziger niet zitten als bondscoach: 'Dan stop ik met kijken!'