Hoe bereiden we Nederland voor op natuurbranden?

woensdag, 7 oktober 2026 (00:00) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

Nederland is steeds kwetsbaarder voor grote natuurbranden, maar de voorbereiding blijft ver achter bij de aanpak van overstromingen. Op 29 april brak bij het Artillerie Schietkamp ’t Harde op de Veluwe een omvangrijke brand uit. Door een droge oostenwind en een uitzonderlijk droge aprilmaand verspreidde het vuur zich snel over een gebied van bijna een kilometer lang en tweehonderd meter breed.

Jelmer Dam, hoofdofficier van de brandweer in Noord- en Oost-Gelderland en landelijk coördinator natuurbrandbeheersing, leidde de bestrijding. De brandweer had moeite om het vuur met water onder controle te krijgen: in natuurgebieden is water minder direct beschikbaar en zijn vuurzwepen en andere handgereedschappen vaak effectiever. Dam moest bovendien beslissen of brandweermensen aan de vuurkop konden blijven werken, terwijl zij daar weinig ervaring mee hadden. Als zij zich zouden terugtrekken, konden vlammen een tankstation, spoorlijn, campings en de buitenwijken van Nunspeet bereiken. De brand werd uiteindelijk bedwongen zonder doden of grote schade, mede dankzij internationale hulp. Wel was vrijwel al het gespecialiseerde materieel ingezet, waardoor het land tijdelijk minder goed beschermd was tegen nieuwe branden.

Volgens deskundigen neemt het risico door klimaatverandering toe. Nederland telde eind vorige eeuw gemiddeld zeventien dagen per jaar met hoog natuurbrandgevaar; inmiddels zijn dat er 32. Langere droogteperioden maken de vegetatie brandbaarder en laten vuur zich sneller verspreiden. Wereldwijd rukken natuurbranden op naar noordelijke gebieden. In Frankrijk brandde deze zomer 119.000 hectare af en bij de grootste brand ooit in Spanje ging 50.000 hectare verloren. Nederlandse gegevens zijn te gebrekkig om met zekerheid vast te stellen of het aantal branden hier stijgt, maar brandweerexperts ervaren ze als frequenter en heviger.

Vrijwel alle Nederlandse natuurbranden worden door menselijk handelen veroorzaakt, bijvoorbeeld door sigaretten, hete uitlaten, infrastructuur of werkzaamheden. Ook de brand bij ’t Harde ontstond door menselijk toedoen: gloeiendhete deeltjes kwamen na een gecontroleerde explosie tijdens een militaire oefening in de droge natuur terecht. In 2023? vorig jaar begon ongeveer 15 procent van de natuurbranden op militair terrein.

Nederland heeft volgens pyrograaf Cathelijne Stoof geen ‘vuurcultuur’. Waar overstromingsrisico’s breed bekend zijn en structureel worden aangepakt, ontbreekt bij natuurbranden een vergelijkbaar nationaal beleid. De overheid stopte in 1994 met de registratie van natuurbranden en schafte in 2002 het laatste gecoördineerde beleid af, omdat het probleem opgelost leek. Stoof en brandweerman Edwin Kok begonnen in 2017 opnieuw met registreren en ontdekten honderden branden per jaar.

Sinds enkele grote branden staat het onderwerp weer op de politieke agenda. De overheid maakte in 2024 eenmalig 70 miljoen euro vrij en trok daar tijdens de recente Prinsjesdag nog 17 miljoen euro voor uit. Dat is weinig vergeleken met de ruim 2 miljard euro die jaarlijks aan overstromingspreventie wordt besteed. Deskundigen vinden structurele financiering nodig voor voorlichting, registratie, gespecialiseerde brandbestrijding en een andere inrichting van het landschap.

Stoof pleit ervoor natuurbrandpreventie, net als waterbeheer, onderdeel te maken van ruimtelijke planning en landschapsbeheer. Dat betekent onder meer rekening houden met brandrisico’s bij de aanleg van woningen, infrastructuur en natuurgebieden, en zorgen voor brandbare vegetatievrije zones. Ook bewoners kunnen maatregelen nemen, zoals geen droog hout of hoge stapels groenafval naast hun huis bewaren en vooraf een vluchtroute plannen.

Brandweerexperts wijzen daarnaast op het gebrek aan ruimte en landelijke regie. De Veluwe is dicht bebouwd en doorsneden door wegen, spoorlijnen en andere infrastructuur, waardoor zelfs een kleine brand grote economische gevolgen kan hebben. Er zijn 25 zelfstandige veiligheidsregio’s, maar in een landelijke crisissituatie is niet duidelijk wie beslist welk dorp of gebied voorrang krijgt. Als op meerdere plaatsen tegelijk brand uitbreekt, dreigt bovendien een tekort aan gespecialiseerde mensen en materieel.

Volgens Dam moet Nederland vooraf bepalen waar vuur eventueel ruimte kan krijgen, zoals uiterwaarden ruimte bieden aan overstromend water. Zonder betere voorbereiding en structurele keuzes blijft de samenleving afhankelijk van improvisatie. Hij waarschuwt dat klimaatverandering het risico verder vergroot en dat Nederland niet moet wachten op een grote ramp voordat het beleid fundamenteel wordt aangepast.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Bas Nijhuis is Valentijn Driessen spuugzat: ‘Ik heb zelfs een doosje paracetamol meegenomen’