'Hitler werd gedreven door ideologie, Trump door opportunisme'

dinsdag, 27 januari 2026 (16:34) - Trouw

In dit artikel:

Lezers reageerden op een vraag van Laura van Baars over de vraag of het terecht is Donald Trump met Adolf Hitler te vergelijken. De ingezonden reacties — afkomstig uit verschillende Nederlandse plaatsen en ondertekend door burgers met uiteenlopende achtergronden — lopen sterk uiteen maar schampen telkens dezelfde kernvragen: welke overeenkomsten bestaan, waar liggen de cruciale verschillen en wat helpt zulke vergelijkingen ons te doen?

Een deel van de correspondenten vindt de vergelijking misplaatst omdat Hitler en zijn beleid historisch en moreel van een andere orde zijn. Zij wijzen op concrete verschillen: Hitler bouwde een ideologie uit in de Landsberg-gevangenis, voerde een systematische staatsterror en massamoord uit, schafte verkiezingen af en bezette buurlanden; Trump wordt gezien als een opportunistische machtmaker zonder vergelijkbare ideologische of militaire basis en zonder een door de staat georganiseerd genocideprogramma. Voorstanders van deze kant benadrukken dat het bagatelliseren van de Holocaust of het verwarren van verschillende schalen van geweld gevaarlijk en misleidend is.

Tegenover die afwijzing staat een groep lezers die wél parallellen ziet in tactieken en geestestoestand: het aanwakkeren van angst en xenofobie, het ondermijnen van instituties en rechtsstaat, het monddood maken van tegenstanders en het mobiliseren van een ontevreden achterban met simplistische verklaringen. Voor hen draait het niet om exacte historische gelijkheid, maar om waarschuwen voor vergelijkbare dynamieken die democratieën onder druk kunnen zetten. Sommige reacties wijzen bovendien op hedendaagse actoren achter Trump (bijv. invloedrijke financiers en beleidsplanners) als potentiële motoren voor systemische veranderingen.

Er klinken ook nuanceringen: het gebruik van Hitlervergelijkingen kan politiek activeren en waarschuwen, maar schiet tekort als analytisch instrument omdat het nuance wegneemt en begrip in de weg kan staan. Een aantal correspondenten pleit voor actief herdenken en onderwijs over Tweede Wereldoorlog en democratische waarden, juist nu generaties die de oorlog hebben meegemaakt verdwijnen. Anderen trekken de discussie breder: zij noemen bijvoorbeeld Vladimir Poetin als een reëler militair gevaar voor Europa en waarschuwen dat de inzet tegen autoritaire tendensen niet uitsluitend op één figuur gericht moet zijn.

Emotie en persoonlijk verlies kleuren enkele bijdragen: familieverhalen uit de oorlog laten bij sommige lezers een diepe afkeer bestaan van oorlogsretoriek en machtswellust, en zij zien in Trumps stijl herkenbare elementen van onmenselijke retoriek. Tegelijk benadrukken anderen dat termen als “Het Kwaad” weliswaar passend voelen, maar politiek genuanceerder omschreven moeten worden.

Samengevat toont het lezersdebat twee duidelijke lijnen: enerzijds principiële bezwaren tegen het historisch en moreel gelijkstellen van Trump en Hitler, anderzijds een gevoelige urgentie om gelijke patronen van demoralisering en institutionele erosie te benoemen en tegen te gaan. De reacties roepen op tot waakzaamheid, discussies over democratische waarden en een kritischere mediabeschouwing, terwijl ze ook waarschuwen voor de risico’s van simpele historische analogieën.