Het Verenigd Koninkrijk heeft een database om te zien of je partner eerder huiselijk geweld pleegde: krijgt Nederland ook zo'n systeem?
In dit artikel:
Clare’s Law — vernoemd naar Clare Wood, die in 2009 werd vermoord door een ex die al eerder meerdere keren was veroordeeld voor geweld tegen vrouwen — geeft in Engeland en Wales mensen de mogelijkheid bij de politie na te vragen of een (ex-)partner een verleden van huiselijk geweld heeft. In 2014 werd de wet ingevoerd na een campagne van Woods’ familie. In Nederland loopt nu een kabinetsonderzoek naar de vraag of een vergelijkbare regeling hier mogelijk is; de Tweede Kamer steunde een motie daartoe.
Bij een aanvraag kan de betrokkene zelf vragen om informatie, maar ook familie, vrienden, buren of hulpverleners kunnen een verzoek indienen als zij zich zorgen maken. De politie toetst of het nodig, proportioneel en wettelijk is toegestaan om gegevens te delen; zij kan ook zelf onderzoeken of iemand gevaar loopt. De informatie die gegeven wordt, beperkte zich tot misdragingen rond huiselijk geweld (inclusief psychisch misbruik, stalking of digitaal pesten) en betreft geen volledig strafblad. Sommige veroordelingen zijn bovendien “verjaren” en mogen wettelijk niet meer openbaar worden gemaakt. Verstrekking gebeurt mondeling.
Het systeem is in gebruik gegroeid: recent waren er bijna 90.000 aanvragen, waarvan in ruim 38.000 gevallen informatie werd verstrekt. Tegelijkertijd liggen er duidelijke beperkingen en knelpunten. Politiekorpsen gaan uiteenlopend om met het begrip ‘dringende noodzaak’, waardoor beslissingen per regio flink verschillen; sommige corpsen geven in driekwart van de gevallen informatie, andere in slechts 5 procent. Capaciteitstekorten spelen mee: niet elk korps heeft speciale teams voor beoordeling. Critici wijzen op incidenten waarin politie naliet te waarschuwen met tragische gevolgen — bijvoorbeeld de zaak van Laura Mortimer, die niet werd ingelicht en later samen met haar dochter door haar ex werd gedood.
Onderzoeken en analyses zijn terughoudend: sommige slachtoffers weten niet dat Clare’s Law bestaat of krijgen om juridische redenen geen informatie, wat een vals gevoel van veiligheid kan geven. Financiële en organisatorische belemmeringen leiden tot een ‘postcodeloterij’ in de praktijk. Ook rijzen zorgen over willekeur en onrechtvaardigheid: uitgezeten veroordelingen blijven afgeschermd terwijl soms niet-geverifieerde beschuldigingen wél gedeeld worden. De Open Universiteit waarschuwt dat de wet eerder schijnveiligheid kan scheppen dan echte bescherming.
Concluderend: Clare’s Law biedt een aanvullend instrument om vrouwen te waarschuwen voor gevaarlijke partners, maar in de Britse praktijk tonen variatie in uitvoering, juridische beperkingen en capaciteitstekorten aan dat het geen kant-en-klare oplossing is.