Het regime in Iran: een totalitaire, generatie- en democratievernietigende macht

donderdag, 15 januari 2026 (15:37) - Joop

In dit artikel:

Meer dan een week lang is in heel Iran het internet grotendeels uitgevallen; internationale en lokale communicatie werden daardoor ernstig verstoord terwijl straatprotesten doorgingen. Onder schoten en met lege handen eisen demonstranten vrijheid, maar hun stemmen bereiken de buitenwereld nauwelijks. Officiële cijfers over het aantal betogers en slachtoffers verschillen sterk van onafhankelijke tellingen.

Mensenrechtenorganisaties melden minstens 648 doden bij de onderdrukking van de protesten; ongeverifieerde, ter plaatse verzamelde schattingen spreken van 2.000 tot 3.200 dodelijke slachtoffers. Onder de omgekomenen zijn opvallend veel jongeren en tieners, zoals Shayan Asadollahi (17), Mohammad Nouri (17) en Reza Ghanbari (17). Erfan Soltani (26) werd na zijn arrestatie in een versnelde procedure ter dood veroordeeld.

Families die lichamen bij veiligheidsdiensten of de forensische dienst ophalen, worden geconfronteerd met de eis om 700 miljoen toman (ongeveer €3.500) te betalen als zogenoemde "kogelkosten" — een praktijk die rouwenden vernederd en volgens critici de structurele wreedheid van het staatsapparaat illustreert.

Het regime vervangt individuele vrijheden door strikte uniformering: kleding, gedrag en zelfs gevoelens zijn onderworpen aan politieke controle. De samenleving wordt volgens de auteur gereduceerd tot een massa die gelijkgestemd moet zijn; vrouwen krijgen een door het bestuur voorgeschreven rolbeeld opgelegd. Dergelijke normen dienen niet alleen binnenlandse machtsbehoud, maar legitimeren ook het voortdurend aanwijzen van "vijanden" — uiteenlopend van ongedekte vrouwen tot studenten of het Westen.

De Revolutionaire Garde (Sepah) en andere veiligheidsdiensten hebben hun invloed uitgebreid naar sociale, economische en culturele domeinen. Deze verschuiving naar een meer totalitair model laat volgens de analyse weinig ruimte over voor onafhankelijke instellingen of reële hervormingen; hopen op democratische verandering binnen dit systeem is volgens de schrijver naïef.

De impact strekt zich buiten Iran uit: door steun aan proxy-groepen, inmenging in omliggende landen en schendingen van internationale normen draagt het regime bij aan regionale instabiliteit en ondermijnt het opkomende democratische krachten elders. De auteur vergelijkt de invloed van de Islamitische Republiek met een zich verspreidende kwaal die mensenrechten en democratische waarden aantast.

De conclusie van het betoog is zwart-wit: de huidige machtsstructuur vormt een ernstig gevaar voor zowel de Iraanse bevolking als voor regionale en mondiale stabiliteit. De voorgestelde weg vooruit is ontmanteling van die totalitaire macht en het openen van een pad naar vrijheid, rechtvaardigheid en democratie voor volgende generaties.