Het piept en kraakt bij de brandweer in Drenthe. Lappen de gemeenten of bezuinigen de spuitgasten?
In dit artikel:
De Drentse brandweer dreigt de komende jaren minder betrouwbaar te worden tenzij er structureel meer geld beschikbaar komt. De Veiligheidsregio Drenthe werkt aan de begroting voor volgend jaar, maar stuit op een tekort van enkele miljoenen; gemeenten zullen gezamenlijk jaarlijks ongeveer 4 miljoen euro extra moeten bijdragen om huidige kwaliteit en beschikbaarheid te handhaven.
De bezorgdheid werd woensdag besproken tijdens een bijeenkomst van de Drentse burgemeesters, die verantwoordelijk zijn voor veiligheid en openbare orde. De organisatie leunt vrijwel volledig op vrijwilligers (35 van de 36 posten). Door veranderende levenspatronen — drukker werk, flexibeler werkroosters en minder binding met één werkgever — neemt het moeilijker vindbaar en inzetbaar personeel stevig af. Dat vergroot het risico op uitval, verminderde paraatheid en gevaar voor zowel inwoners als brandweerlieden.
Daarnaast zijn voertuigen en uitrusting veel duurder geworden: een standaard tankautospuit kostte rond 2014 circa €325.000 en ligt in 2027 rond de €600.000, waardoor het huidige vervangingsbudget tekortschiet. Tegelijk verandert het risicoprofiel door klimaatverandering, energietransitie en nieuwe technologieën: langere droogtes, natuurbranden, incidenten met elektrische systemen en omvangrijkere inzetten vragen meer capaciteit en gespecialiseerde middelen.
Burgemeesters signaleerden dat de timing complex is — veel gemeenteraden en colleges zijn in een formatie- of opstartfase — en vreesden terughoudendheid bij extra bijdragen. Bezuinigen binnen de veiligheidsregio wordt niet als reële optie gezien; het budget staat al jaren op een ‘nullijn’. De vraag blijft hoe gemeenten bereid zijn structureel extra te investeren om de brandweer toekomstbestendig te houden.