Het lijkt Den Haag wel: 'verkenners' overal aan de slag na raadsverkiezingen. Gewichtigdoenerij of nuttig voorwerk?

vrijdag, 27 maart 2026 (16:13) - Dagblad van het Noorden

In dit artikel:

Na de recente verkiezingsuitslagen duiken in steeds meer gemeenten verkenners op om de vorming van nieuwe colleges voor te bereiden. De Groningse politicoloog Kees Aarts ziet dat niet als theater maar als een logisch antwoord op de veranderde lokale politiek: door de opmars van nieuwkomers en ‘lokalo’s’, plus herindelingen en het duaal bestuur, zijn verhoudingen onduidelijker en complexer dan vroeger.

Verkenners — vaak ervaren (oud-)burgemeesters en politici met breed gezag maar zonder scherp partijprofiel — krijgen de opdracht om eerst het speelveld in kaart te brengen: wie wil met wie besturen, welke waardes en wensen botsen, en welke combinaties zijn reëel. Dat maakt de weg vrij voor informateurs of formateurs die later concrete coalitieonderhandelingen voeren. Aarts wijst erop dat dit fenomeen al langer in grote steden bestond (voorbeeld: de Leefbaren in Rotterdam), maar zich nu ook in kleinere gemeenten zoals in Groningen en Drenthe manifesteert.

Praktische voorbeelden uit de regio illustreren de trend: in Pekela is voormalig CDA-Kamerlid en burgemeester Rikus Jager verkenner; Westerwolde koos oud-burgemeester Leendert Klaassen; Hoogeveen haalde burgemeester Jan Zwiers uit Midden-Drenthe; Cora‑Yfke Sikkema verkent mogelijkheden in Het Hogeland; Roeland van der Schaaf werkt in zijn eigen gemeente aan coalitieopties; Stadskanaal liet PVV-winnaar Bert Homan uit Assen verkennen; en in Eemsdelta speelt de bestuurlijke geschiedenis van burgemeester Anno Wietze Hiemstra een rol. Zelfs in Den Haag werd na de winst van Hart voor Den Haag iemand met breed gezag — oud-burgemeester Ahmed Aboutaleb — aangetrokken om mogelijke partners te peilen.

Aarts benadrukt dat verkenners niet alleen voor beslommering of status zorgen; zij vervullen een brugfunctie wanneer vertrouwensrelaties ontbreken of recent zijn verbroken. Dat bleek ook na de val van het Groningse provinciebestuur vorig jaar, waar oud-burgemeester Peter den Oudsten hielp partijen wederzijds vertrouwen te laten herstellen. Door grotere gemeenten, meerdere kernen die om aandacht strijden en het werken met programcolleges is er nu vaker behoefte aan voorafgaand onderzoek en consensus over thematische afspraken in plaats van puur zetelverhoudingen.

Tegelijkertijd uit Aarts een lichte weemoed: het kleinschalige karakter van gemeenten — dat lokale politici dicht bij inwoners houdt en in staat liet om samen te besluiten wat goed is — raakt wat onder druk door schaalvergroting en professionalisering. Desondanks concludeert hij dat verkenners in de huidige context een nuttig instrument zijn om fragmentatie en nieuwe politieke spelers werkbaar te maken voor stabiele coalitievorming.