Het liefst zou ik willen bevriezen wie ik nu ben

woensdag, 14 januari 2026 (11:00) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

Marja Pruis beschrijft een reeks kleine belevenissen en gedachten die samen een afgewogen meditatie vormen over ouder worden, afscheid van het werk en het vasthouden aan het vertrouwde. Na een avond in het theater, waar dans het thema liefde en geheimen op treffende wijze versterkte, vielen er bij het applaus ballonnen met het cijfer 50 naar beneden — een feest ter ere van de vijftigste verjaardag van een van de actrices. Dat moment zette haar en een vriendin, die vrijwel even oud zijn, aan het denken over wat vijftig betekent en over het “gekke” jaar dat voor hen ligt.

In de vroege ochtend, wakker van een onrustige droom over een vergeten feestjurk en een onvoorstelbare boete, voegt Pruis kleine dagelijkse zorgen toe: de leeftijd en kwetsbaarheid van haar katten, en vooral het gegeven dat haar officiële werkende leven het komende jaar zal eindigen. Tegelijkertijd beschrijft ze de diepe verbondenheid met haar werk bij De Groene — het genietbare van onderdeel zijn van een redactie en het besef dat niet elk afscheid doordrongen hoeft te zijn van melancholie.

Pruis haalt persoonlijke herinneringen op: een foto van haar vader op zijn 62e in Curaçao, met een bloemetje bij het ontbijt, en het advies van haar broer toen haar vader een baan in Londen werd aangeboden. Ze worstelt met de wens zichzelf nu te willen ‘bevriezen’, maar erkent de onmogelijkheden daarvan, ook in relatie tot haar huisdier dat niet eeuwig kan blijven zoals het is.

Ze eindigt met een beeld van de lichte, koele ochtendlucht en de voorbereiding om naar de redactie te fietsen, met een gevoel dat zowel opgewondenheid als duik in het onbekende omvat — een passende toon voor het jaar waarin werk, leeftijd en identiteit elkaar opnieuw schikken.