Het kabinet-Jetten ademt geheel de overtuiging van de VVD dat de rijken te weinig geld hebben en de armen te veel

maandag, 7 september 2026 (17:29) - De Groene Amsterdammer

In dit artikel:

In een opiniërende analyse van 7 september 2026 wordt het coalitieakkoord van het kabinet-Jetten tussen VVD, CDA en D66 neergezet als overwegend neoliberaal en sociaal polariserend. Volgens de auteur profiteren vermogenden van de gemaakte keuzes, terwijl mensen met een uitkering, werklozen en arbeidsongeschikten de zwaarste lasten dragen.

Uitgelekte onderdelen van de Miljoenennota zouden die conclusie volgens de auteur niet wegnemen. De verhoging van het eigen risico in de zorg en bezuinigingen op werkloosheids- en arbeidsongeschiktheidsuitkeringen worden mogelijk een jaar uitgesteld om tijd te winnen voor overleg met werkgevers en werknemers, maar niet geschrapt. Vakbonden FNV en CNV zien daarom voorlopig geen reden om met het kabinet over een sociaal akkoord te onderhandelen. Het uitstel van de belastinghervorming in box 3 pakt juist gunstig uit voor mensen met veel vermogen. Econoom Jaap van Duijn en NRC-columnist Marike Stellinga waarschuwden eerder eveneens dat de kabinetskoers vooral de beter gesitueerden bevoordeelt.

De auteur plaatst dit beleid in een bredere kritiek op het neoliberalisme: vermogens, bedrijfswinsten en erfenissen zouden structureel minder worden belast, terwijl sociale zekerheid steeds meer als kostenpost wordt behandeld. Daardoor zouden verschillen in kansen op wonen, zorg, onderwijs en kinderopvang toenemen. Volgens de analyse verzwakt dat de solidariteit en ontstaat een samenleving van winnaars en verliezers. Dezelfde ontwikkeling zou zichtbaar zijn in de terughoudendheid rond ontwikkelingssamenwerking en in het strengere asielbeleid, dat volgens de auteur xenofobie en vijandigheid kan versterken.

Vooral de rol van CDA en D66 staat centraal. Beide partijen beloofden vóór en tijdens de formatie een eerlijkere verdeling van lasten, meer belasting op vermogen, versterking van gemeenschapszin en een stapsgewijze verhoging van het budget voor ontwikkelingssamenwerking naar de OESO-norm van 0,7 procent van het nationaal inkomen. In het uiteindelijke akkoord met de VVD zou daarvan weinig zijn overgebleven. Het geplande gemeenschapsfonds van 50 miljoen euro per jaar wordt door de auteur als onvoldoende beschouwd. Ook de extra 1,1 miljard euro voor internationale hulp in de komende drie jaar is tijdelijk; volgens hoogleraar Dirk-Jan Koch kan het bij het huidige tempo tot 2078 duren voordat Nederland de OESO-norm bereikt.

De analyse verklaart de concessies van CDA en D66 uit politieke ambitie en een zwakke onderhandelingspositie. D66 wilde voor het eerst de premier leveren, terwijl het CDA zich als snelle en verantwoordelijke bestuurspartij wilde profileren. CDA-leider Henri Bontenbal sprak bovendien al vóór de formatie een voorkeur uit voor samenwerking met de VVD boven een coalitie met GroenLinks-PvdA, mede vanwege het ondernemingsklimaat. Daarmee zou hij volgens de auteur onvoldoende rekening hebben gehouden met de radicalere neoliberale koers van de VVD.

De VVD kon haar eisen daardoor stevig doordrukken. In de minderheidscoalitie blijft bovendien onduidelijk of steun vooral op rechts of op links wordt gezocht. Dat voortdurende machtsspel en de sociale koers van het kabinet vormen volgens de auteur een blijvende bron van spanning binnen de coalitie én in de samenleving, waarvan radicaal- en extreemrechts kunnen profiteren.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Johan Derksen werd pisnijdig op zijn dochter: 'Ik hoorde haar dat zeggen'