Het is nog altijd 2002 op rechts, in de geest van Pim Fortuyn. Er komt weer een nieuwe beweging, nu van Mona Keijzer
In dit artikel:
Tweede Kamerlid Mona Keijzer wil in november een nieuwe, „conservatieve en sociale” partij of beweging aankondigen onder de naam Project 2029. Dat gebeurt alleen als zich voldoende medewerkers melden en er genoeg geld wordt opgehaald. De partij zou mogelijk al deelnemen aan de Provinciale Statenverkiezingen van volgend jaar. Voorlopig bestaat het initiatief vooral uit een website, een essay over conservatisme en Keijzer zelf, die eerder dit jaar uit BBB stapte en nu een eenmansfractie vormt.
Keijzer zegt een alternatief te willen bieden voor beleid dat volgens haar wordt gedomineerd door maakbaarheidsdenken, modellen en goede bedoelingen die verkeerd uitpakken. Ze ziet ruimte voor een nieuwe partij, ondanks de grote drukte op rechts van de VVD. Daar zijn al zes fracties actief, goed voor ongeveer veertig Kamerzetels. Volgens eerder onderzoek van het Nationaal Kiezersonderzoek blijft het totale electoraat van uiterst rechts bovendien relatief stabiel: verliezen van de ene partij worden vaak opgevangen door winst van andere partijen.
Juist in die drukke politieke hoek blijken nieuwe partijen echter zelden duurzaam succesvol. Een eerste probleem is dat veel initiatieven inhoudelijk sterk op elkaar lijken. Sinds de doorbraak van Pim Fortuyn in 2001 zijn er talloze partijen opgericht die dezelfde thema’s en retoriek overnemen, zoals kritiek op bestuur door experts, aandacht voor de „gewone burger” en nadruk op nationale cultuur. Ook Keijzers boodschap vertoont overeenkomsten met het gedachtegoed van Fortuyn.
Een tweede zwakte is de grote afhankelijkheid van één leider. Partijen als Trots op Nederland, de PVV en NSC werden sterk met hun voorman of -vrouw vereenzelvigd. Dat kan aanvankelijk voor herkenbaarheid zorgen, maar maakt een partij kwetsbaar zodra het imago van de leider verslechtert. Keijzer noemt haar initiatief een beweging en zegt anderen te willen betrekken, maar concrete medestanders zijn er nog nauwelijks.
Daarnaast ontbreekt het rechtse partijen vaak aan een stevige organisatie. De PVV leunt vrijwel volledig op Geert Wilders en heeft geen reguliere ledenstructuur of onafhankelijke partijorganisatie. Ook Forum voor Democratie kreeg te maken met conflicten en afsplitsingen. Samenwerking of fusie blijft moeilijk doordat leiders hun eigen positie en partij behouden willen.
Tot slot kan onderlinge concurrentie leiden tot radicalisering. Partijleiders proberen zich met steeds scherpere uitspraken te onderscheiden en worden daarbij intern weinig afgeremd. Dat heeft het debat over onder meer migratie in Nederland de afgelopen decennia sterk verhard. Keijzer zegt een grens te willen trekken tegen zowel links en rechts als islamitisch extremisme. Het is nog onduidelijk of haar nieuwe project zich gematigder opstelt of dezelfde radicaliseringsroute volgt als sommige voorgangers.
Vandaag Inside: Dave Maasland zucht na opmerking Jesse Klaver: ‘Dit is echt een hele slechte vergelijking!’