Het is lastig om door het hantavirus géén flashbacks te krijgen naar de coronapandemie, maar hoe terecht is dat?

woensdag, 13 mei 2026 (09:26) - NRC Handelsblad

In dit artikel:

„Ik weet dat jullie bezorgd zijn,” schreef WHO-secretaris-generaal Tedros Adhanom Ghebreyesus vorige week in een brief aan bewoners van Tenerife, toen het Nederlandse cruiseschip MV Hondius met een uitbraak van het Andes‑hantavirus naar de haven van Granadilla voer. Het schip, waarop minstens drie opvarenden zijn overleden en tien besmettingen bevestigd zijn, bracht zondag meer dan 140 mensen van boord en zette een internationale gezondheidsalarmfase in gang.

Het Andesvirus behoort tot de hantavirussen, een familie die al sinds de Koreaanse Oorlog bekend is en meestal via knaagdieren wordt overgedragen — vaak door het inademen van virusdeeltjes uit opgedroogde uitwerpselen. Anders dan veel Europese hantavirustypen, die meestal milde klachten geven en een zeer lage sterfte hebben, kan het Andesvirus bij mensen een ernstig longsyndroom veroorzaken met sterftecijfers rond 30–50 procent. De natuurlijke gastheer van dit virus is de langstaartige rijstrat in Zuid‑Amerika; buiten dat verspreidingsgebied is het reservoir afwezig, wat de kans op een wereldwijde pandemie vermindert.

Uniek aan het Andesvirus is dat mens‑op‑mensoverdracht mogelijk is; dat werd overtuigend aangetoond tijdens een uitbraak in 2018 in Chubut (Patagonië), waar nauwe contacten en een begrafenis zorgden voor een keten van besmettingen (34 gevallen, 11 doden). Sindsdien blijven incidenten relatief zeldzaam, maar Argentinië zag recent een stijging van gerapporteerde gevallen (van 57 naar 101 in het meest recente epidemiologische jaar), verspreid over verschillende provincies. Rond Ushuaia — de havenstad waar passagiers van de Hondius aan boord gingen — zijn sinds 1996 geen meldingen bekend, al onderzoekt Argentinië locaties zoals een schroothoop die mogelijk als besmettingsbron fungeerde.

Virologen wijzen erop dat de huidige situatie niet te vergelijken is met covid‑19. Het Andesvirus replikeert vooral diep in de longen, waardoor besmetting vooral samenhangt met intensief en nauw contact en omdat mensen pas bij flinke ziekteklachten veel virus uitscheiden. Asymptomatische verspreiding lijkt beperkt. Bovendien is het virus genetisch stabiel en muteert het weinig, wat de kans op snelle aanpassing aan mens‑op‑mensoverdracht verkleint. Desondanks maakt de lange incubatietijd dat aanvullende gevallen niet zijn uitgesloten — enkele opvarenden reisden na ontscheping door naar andere landen en kwamen mogelijk in contact met lokale bevolkingen.

De WHO en experts roepen op tot kalmte maar ook tot snelle en nauwkeurige opsporing, quarantaine en testen van mogelijke contacten. Internationale contacttracing op de Hondius is volgens deskundigen in korte tijd goed opgestart, wat cruciaal is om verdere verspreiding te voorkomen. Voor bewoners van Tenerife en andere betrokken plekken blijft het directe risico volgens de WHO laag, maar waakzaamheid en goede opvolging van (mogelijke) klachten zijn essentieel.