Het gore lef: met een tietenpet op je proletenkop door Amsterdam zwalken en zeggen dat Praag mooier is
In dit artikel:
Het luxe hotel Rosewood aan de Prinsengracht verzet zich tegen de komst van een Fabel Friet in de Leidsestraat, iets waar columniste Sylvia Witteman verbaasd en verontwaardigd over is: een peperduur etablissement dat de binnenstad al jarenlang op zijn kop zette zou zich niet moeten afzetten tegen een eenvoudige snackbar. Witteman fietst langs het hotel, bedenkt zich een stunt maar ontdekt dat het gebouw geen brievenbus heeft, en loopt door naar de frituur in aanbouw op de plek van het vroegere Maoz falafel‑filiaal. Die falafel was smakelijk, maar de eeuwige frituurlucht was hinderlijk; met de verbouwing lijken die problemen verdwenen: de ruiten zijn beplakt en binnen klinkt het geluid van boren en zagen op een grauwe maandagmorgen.
Terwijl ze toekijkt, passeert ze twee jonge Britten met opvallende petten; zij botsen tegen een rij fietsen bij de Starbucks, waardoor ook de columniste’s fiets omvalt. Tot haar verrassing blijven de jongens niet doorlopen maar zetten hun blikjes neer en hijsen vervolgens alle gevallen fietsen weer overeind. Dat onverwachte gebaar dempt Wittemans verontwaardiging en laat ruimte voor mildheid — zelfs voor een gedachte om Praag opnieuw te bezoeken. Ze benadrukt de kloof tussen dure hotelprojecten en gewone uitgaansgelegenheden, geeft als friettip Pietersma op de Albert Cuyp‑hoek, en sluit af met een ironische, persoonlijke noot over toerisme en stedelijke verhoudingen.