Het gaat goed met de vissen in het IJsselmeer: 'In 2014 zwom er niks meer'
In dit artikel:
De visstand in het IJsselmeer is in ongeveer tien jaar sterk hersteld. Dat blijkt uit onderzoek van visecoloog Joey Volwater van Wageningen Marine Research, die ruim dertig jaar aan vismonitoringsgegevens analyseerde en die vergeleek met vangstgegevens van beroepsvissers.
In 2014 was de populatie volwassen vis vrijwel ingestort. Om herstel mogelijk te maken, werd de kieuwnetvisserij met 85 procent beperkt tot maximaal 600 netten. Het aantal visdagen met zegen, een sleepnet voor onder meer brasem, werd teruggebracht van 135 naar zeven per jaar.
De maatregelen lijken effect te hebben gehad. De snoekbaarspopulatie is sinds 2014 vertienvoudigd. Ook brasem, blankvoorn en baars zijn talrijker geworden en de vissen worden groter, wat wijst op een ouder wordende en zich herstellende populatie. In het afgelopen seizoen werd bijna 900 ton snoekbaars gevangen, naast ongeveer 300 ton brasem en telkens circa 100 ton blankvoorn en baars.
Onderzoekers bepaalden de visstand via jaarlijkse bemonstering op dertig locaties. Met sleepnetten vangen zij vis, die vervolgens wordt gemeten, gewogen en onderzocht op leeftijd, geslachtsrijpheid en ziekten. De sterke omslag na 2014 kan volgens Volwater niet worden verklaard door veranderingen in fosfaatgehalte of watertemperatuur en is daarom vooral toe te schrijven aan de beperkingen voor de visserij.
De toekomst blijft onzeker door klimaatverandering. Vooral een verdere stijging van de watertemperatuur kan de spiering verdrijven, een belangrijke voedselbron voor snoekbaars en verschillende watervogels. Via de vispassage bij de Oranjesluizen kunnen vissen bovendien het IJ en de Amsterdamse grachten bereiken. Vooral brasem zou daar geschikte paaigebieden kunnen vinden, al is dit nog niet onderzocht.
De Oranjezomer: Raymond Mens adviseert Marco Borsato over terugkeer: 'Als ik zijn communicatieadviseur was...'