"Het exces zit aan beide kanten"
In dit artikel:
Jelle van Baardewijk (1982), filosoof, essayist en docent (onder meer aan Nyenrode), is een van de bekendste gezichten van De Nieuwe Wereld — het onlineplatform dat tijdens de coronapandemie uitgroeide tot een intellectueel toevluchtsoord voor honderdduizenden kijkers. In de komende weken verlaat hij samen met mede-oprichter Ad Verbrugge het scherm en gaat het project de theaters in: publieke avonden met gespreksgasten als Kees de Kort, Maurice de Hond en Willem Middelkoop, waarin thema’s van cultuur tot geopolitiek live worden bediscussieerd. Een concrete afspraak is de avond Ondergang van het Avondland? op 16 juni 2026 in Theater De Maagd, Bergen op Zoom, met Van Baardewijk, Verbrugge en Willem Middelkoop.
Van Baardewijk schetst hoe De Nieuwe Wereld ontstond uit universitaire gesprekken die men ook buiten academe onder de aandacht wilde brengen: trager, dieper en met echte gedachtewisseling. Samen met Paul Verlind bouwden Verbrugge en anderen het platform op; Van Baardewijk sloot later aan. De opzet is breed van blik: niet alleen academici, maar ook ondernemers, kunstenaars en zorgprofessionals nemen deel. Die kruisbestuiving moet verrassende inzichten opleveren en ruimte geven aan kritische stemmen, ook aan mensen buiten instituties — van azc-casemanagers tot onafhankelijke journalisten — terwijl het platform zichzelf omschrijft als eerder sociaal-conservatief, maar open voor gesprek met progressieve instellingen.
Een belangrijk motief voor de theatertour is het herstel van fysieke ontmoeting. Van Baardewijk benadrukt dat er weinig plekken zijn waar intellectueel nieuwsgierigen spontaan samenkomen; veel debat is vernauwd tot online echo’s en gesegregeerde mediabubbels. De Nieuwe Wereld wil juist een pluriform publiek debat stimuleren en ruimte bieden voor botsende inzichten, zonder kritiek louter als doel te zien.
Onderwijskundige en culturele zorgen vormen een centraal thema in het interview. Van Baardewijk signaleert een groeiende kloof tussen theoretisch opgeleiden en mensen die zich door die wereld niet meer herkend voelen, en hij waarschuwt voor wat hij ‘verzevening’ noemt: een cultuur waarin men terugdeinst voor het maken van scherpe kwaliteitsverschillen, hiërarchie verdacht vindt en uitmuntendheid wantrouwt. Volgens hem heeft dat geleid tot dalende scores en een nivellering van onderwijsniveau, waarbij veel instellingen capituleren naar het gemiddelde. Tegelijk erkent hij dat zijn eigen kring soms ook een bubbel kan vormen; juist daarom blijft hij lesgeven en zoekt hij confrontatie met studenten.
Van Baardewijk pleit voor een brede opvatting van intelligentie — verwijzend naar ideeën als Howard Gardners ‘multiple intelligences’ — en voor meer nadruk op lezen, discipline en fysieke ervaring. Basisscholen die nog met vulpennen en handschrift werken noemt hij waardevol: schrijven versterkt geheugen en concentratie op een manier die schermervaringen niet evenaren. Persoonlijke inzet, het afmaken van lastige opdrachten en lichamelijke gewoonten zijn voor hem onmisbare bouwstenen van vorming en authenticiteit.
Een ander terugkerend punt is de bedreiging door kunstmatige intelligentie, maar niet primair vanwege banenverlies. Van Baardewijk vreest vooral vaardigheidsverlies: het ten onder gaan van het vermogen zelf zinnen te formuleren, argumenten te construeren en diep te lezen. AI werkt statistisch en egaliseert; het besteedt geen ruimte aan het onconventionele of geniale en kan daarmee ‘denk- en schrijfspieren’ verzwakken als mensen die te vroeg laten vervangen. Hij gebruikt AI zelf wel als instrument, maar alleen nadat iemand zijn of haar eigen talenten heeft ontwikkeld.
Politieke en maatschappelijke polarisatie en institutionele verzwakking komen eveneens aan bod. Van Baardewijk maakt zich zorgen over de homogenisering van media, uitgeverijen en kunstinstellingen die gewone ervaringen als verlies van grip of sociale ontworteling minder herkennen. Tegelijk erkent hij de excessen aan beide kanten van het debat: van destructieve protesten tot het snel wegzetten van andersdenkenden als gevaarlijk. De grote vraag blijft of bestaande instituties nog in staat zijn gevoelens en onbehagen serieus te verwerken of dat interpretatie en verwerking vooral in alternatieve media terechtkomen.
Kort gezegd wil Van Baardewijk met De Nieuwe Wereld en de overgang naar live-evenementen de kwaliteit van het publieke debat verhogen: meer ontmoeting, scherpte, intellectuele oefening en ruimte voor uiteenlopende stemmen, met zorg voor onderwijs, vaardigheidsontwikkeling en het vermogen kritisch te denken in een tijd van digitale verleiding en politieke verharding.
Het Oranje Café: Wat wil Maurice Steijn gaan doen na zijn vertrek bij Sparta? 'Het liefst...'