Het enige wat Jorrit Bergsma na nieuw olympisch goud nog wenst is dat het nog een keer stevig gaat vriezen
In dit artikel:
Jorrit Bergsma (40) veroverde in Milaan de olympische massastart met precies het wapen dat hem al jaren kenmerkt: een krachtige ontsnapping. Twaalf jaar na zijn eerste olympische titel maakte hij opnieuw indruk door vroeg in de race het peloton te passeren en met een versnelling alleen weg te rijden. Alleen de Deen Viktor Thorup kon aanvankelijk aanpikken; de rest van het veld keek elkaar na en liet het gat ontstaan.
Eerder in het toernooi had Bergsma zich al verzekerd van brons op de 10 kilometer, maar voor hem was de massastart echt een specialiteit. Met zijn geluksnummer 13 op de helm — een verwijzing naar Evert van Benthem — en omringd door vrouw Japke, familie en vrienden in Milaan, voerde hij zijn plan koelbloedig uit. Terwijl ploeggenoten Marijke Groenewoud en Bente Kerkhoff zich opladen voor eigen finales, zagen zij op televisie hoe hun teamgenoot de race beheerste; Groenewoud zei later dat dat alleen maar extra motivatie gaf.
Bergsma testte vroeg in de wedstrijd met een korte versnelling en toen bleek dat niemand adequaat reageerde, besloot hij door te drukken. Met nog een finale versnelling schudde hij Thorup af en glipte solo over de streep, armen in de lucht — een emotioneel einde van zijn olympische loopbaan. Op het podium kon hij het nog nauwelijks vatten; het winnen op veertigjarige leeftijd noemde hij “onbetaalbaar”.
Familie en achtergrond spelen een grote rol in het verhaal: trots werd er verwezen naar doorzettingsvermogen en schaatstalent dat in de familie zit (een tante voltooide in 1941 de Elfstedentocht). Bergsma zelf sprak ook over een blijvende droom: ooit nog een echte Elfstedentocht rijden als het goed vriest — een wens die zijn lange carrière op natuurijs compleet zou maken.
Samengevat: Bergsma beëindigde zijn olympische carrière met een slimme, klassieke Bergsma-tactiek — een machtige solo ontsnapping — en bewees dat ervaring, timing en het lef om alleen te gaan ook op veertigjarige leeftijd tot olympisch goud kunnen leiden.