Het duurde even, maar met de komst van start-ups zijn de Van Gendt Hallen klaar
In dit artikel:
De Van Gendt Hallen op Oostenburg in Amsterdam krijgen een tweede leven als broedplaats voor impactgerichte techbedrijven. Eigenaar Eduard Zanen, medeoprichter van Bugaboo, maakte de afgelopen acht jaar van de sterk verwaarloosde fabrieksgebouwen – ooit fabriek van Stork Werkspoor en sinds 1897 ontworpen door architect Van Gendt – een publiek toegankelijk complex met horeca, museumruimte en plek voor start‑ups. Nog voor de zomer verhuist de eerste lichting tech‑ondernemers naar Norrsken House in de gerestaureerde houten hallen; daarna volgt de rest.
De transformatie was ingrijpend: Zanen trof onder meer zes vervuilde olieputten, een rot dak en bijna geen ruit in de 4.600 ramen aan. In plaats van het werk uit te besteden, voerde hij de renovatie grotendeels in eigen beheer uit zonder hoofdaannemer. Eigen bedrijven bouwden voorzieningen ter plaatse — denk aan productie van buizen voor luchtbehandeling — en gebruikte hij innovatieve, circulaire materialen, zoals isolatiecomposiet op basis van plantafval en hergebruikt petschuim via zijn bedrijf Holland Composites. Twee strategische keuzes bleven leidend: de inkomsten in een stichting stoppen voor blijvend onderhoud en het gebouw publiek toegankelijk houden.
De komst van Norrsken, een Zweedse start‑upbroedplaats met steun van investeerders waaronder de oprichter van betaalbedrijf Klarna, sluit aan bij Zanen’s eerdere investeringen in jonge techbedrijven (onder meer Ubed en WTF). Norrsken House Amsterdam wordt geleid door investeerder en ondernemer Thijs van der Burgt, die naast financiën operationeel leidinggevende taken op zich neemt. Van der Burgt wil vooral ondernemers aantrekken die technologie inzetten voor maatschappelijke of milieukundige impact en nieuwkomers praktisch begeleiden bij het opschalen van hun bedrijven.
Interesse was groot: na de aankondiging meldden zich zo’n 600 techbedrijven; voor de zomer starten ongeveer 150 huurders in uiteenlopende fasen van groei, van eenmanszaken tot teams met enkele tientallen medewerkers. De hal biedt plaats aan uiteindelijk circa duizend mensen en huisvest naast Norrsken ook culturele initiatieven zoals het private museum Drift en gedeelde voorzieningen: een binnenstraat met horeca, een auditorium voor honderden bezoekers en de Norrsken Club voor presentaties en exposities.
Er blijven nog uitdagingen en ambities: Zanen probeert samen met de gemeente een halte voor de waterbus te regelen die Oostenburg met Amsterdam Centraal moet verbinden, en hij wil – als de gemeente meewerkt – waterstof inzetten voor duurzame energievoorziening en een ondergrondse stroomverbinding realiseren naar de Kromhoutwerf, ook in zijn portefeuille. De bedoeling is een energieneutraal, publiek monument te behouden voor de lange termijn.
Kortom: de Van Gendt Hallen worden een hybride plek waar industrieel erfgoed, circulaire bouwpraktijken en een Europese start‑uphub samenkomen, met als doel ondernemers te ondersteunen die zowel commercieel als maatschappelijk rendement nastreven.
Vandaag Inside: René van der Gijp wil Marcos Leonardo eindelijk eens zien scoren: 'Ik ga de training bezoeken!'