„Het doet pijn dat ik bij Elspeet minder koeien en schapen zie lopen"
In dit artikel:
Rond Elspeet is het boerenlandschap in enkele decennia sterk veranderd. Gerard Mulder, dorpshistoricus en zoon van een voormalige mestkalverboer, ziet hoe de kleine kalvermesters en melkveehouders die het Veluwse dorp ooit kenmerkten vrijwel zijn verdwenen. Waar vroeger stallen stonden, staan nu woningen of krijgen schuren een andere bestemming, zoals opslag. De intensieve veehouderij bracht Elspeet na de oorlog juist welvaart, maar vanaf de jaren tachtig zorgden mestproblemen en strengere regels voor een snelle afkalving van de sector.
Die krimp raakt niet alleen de boeren zelf, maar ook de lokale economie. Bedrijven die vroeger volledig op boeren waren gericht, verkopen nu ook producten voor particulieren, zoals tuingereedschap, grasmaaiers en hondenvoer. Toch blijft het buitengebied van Elspeet zichtbaar agrarisch: er lopen nog koeien in de wei en sommige inwoners houden uit liefhebberij een paar dieren.
Volgens ondernemersvertegenwoordiger Reijer Evers zorgt vooral de stikstofaanpak van het kabinet voor onrust. Hij noemt het onbegrip in het dorp groot en ziet dat onzekerheid jonge generaties uit de sector duwt, soms zelfs naar ander werk buiten de landbouw. Tegelijk denkt hij dat de boerenmentaliteit in Elspeet blijft bestaan: hard werken, zuinig zijn en aanpakken.
Wethouder Wichert Stoffer van Nunspeet ziet naast zorg ook een kleine herwaardering van het boerenleven, met meer aandacht voor lokale producten, ambacht en evenementen rond het platteland. Maar hij waarschuwt dat jonge boeren vastlopen in regels en vertrouwen verliezen. Volgens hem moet het dorp voorkomen dat ook het laatste stuk traditionele landbouw verdwijnt.
De Oranjezomer: Raymond Mens laat Hugo Borst keuren in Amerikaanse gaybar