Heggen hebben ook ondergronds positief effect
In dit artikel:
Onderzoek van het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW) laat zien dat heggen in agrarisch landschap niet alleen bovengronds biodiversiteit geven, maar óók ondergronds een uniek en veerkrachtig microbieel leven ondersteunen. NIOO-onderzoekers, waaronder Felipe Zagatto en Wim van der Putten, vonden in metingen in de Maasheggen (rond Boxmeer, Vierlingsbeek en Cuijk) dat de bodem onder heggen rijkere en complexere microbiële netwerken huisvest dan aangrenzende akkers en weilanden.
De samenstelling van bacteriële gemeenschappen onder een heg lijkt sterk afhankelijk van het naastliggende landgebruik: heggen naast intensieve akkers hebben andere bacteriën dan heggen bij half-natuurlijk grasland. Schimmels gedragen zich anders: hun samenstelling wordt vooral door de heg zelf bepaald en vertoont grote gelijkenis tussen verschillende heggen. Waarschijnlijk speelt het houtige ‘slow food’ van struiken zoals meidoorn en inheemse rozen een belangrijke rol in dat schimmelrijke bodemmilieu.
Praktische voordelen: schimmelrijke heggenbodems nemen water beter op en houden het vast, waardoor heggen fungeren als buffer tegen droogte en minder gevoelig zijn voor extreme weersinvloeden dan intensief beheerde percelen. De studie richtte zich op eeuwenoude heggen in het UNESCO-werelderfgoed Maasheggen — veel exemplaren zijn ruim honderd jaar oud — wat onderstreept dat behoud en herstel van heggen niet alleen boven- maar ook ondergronds waardevolle ecosysteemdiensten leveren. Conclusie: meer heggen planten en bestaande heggen behouden versterkt bodemdiversiteit en levert voordelen voor landbouwresistentie tegen klimaatstress.