Hard oordeel inspectie: politie-onderzoek naar terrorismelijst is volstrekt onvoldoende
In dit artikel:
De Inspectie Justitie en Veiligheid geeft scherp commentaar op het interne politieonderzoek naar het gebruik van de zogeheten LOP-terrorismelijst en het delen van die lijsten met het buitenland. Volgens het woensdag gepubliceerde rapport ontbreken feitelijke grondslagen voor de zachte conclusies van de politie: het oordeel dat er “tot nu toe niet is gebleken” dat Nederlandse burgers onterecht op de lijst stonden, is volgens de inspectie grotendeels onnavolgbaar en op meerdere punten niet zorgvuldig onderbouwd.
De politie begon in 2023 intern te onderzoeken hoe de LOP-lijsten werden gebruikt en internationaal gedeeld, mede nadat Follow the Money (FTM) hierover publiceerde. Namen op de lijst leidden er in de praktijk toe dat mensen landen zoals de Verenigde Staten en Turkije niet meer binnenkwamen. De inspectie stelt dat het politieonderzoek niet alle problemen in kaart brengt, conclusies niet logisch volgen uit de bevindingen en dat de onafhankelijkheid van het onderzoek te wensen overlaat omdat het werd uitgevoerd door medewerkers die zelf betrokken waren bij terrorismebestrijding.
FTM-documentatie en voorbeelden illustreren de gevolgen: sommige betrokkenen ontdekten pas jaren later dat zij via de lijst in buitenlandse databases stonden en daardoor reisbeperkingen ondervonden. De Nederlands-Palestijnse fotograaf Sakir Khader zit bijvoorbeeld in de Amerikaanse TSDB-database en probeert via juridische weg duidelijkheid te krijgen. De Nationale ombudsman had in 2024 al gewaarschuwd voor onvoldoende aandacht voor mensenrechten bij terrorisme- en extremismelijsten.
De politie reageert dat zij zich deels niet kan vinden in het kritische oordeel en wijst op de rol van het Openbaar Ministerie, dat opdracht gaf om namen internationaal te delen. Ze benadrukt ook de snelle radicalisering in de betreffende jaren en zegt dat sommige registraties bedoeld waren ter bescherming om afreizen naar conflictgebieden te voorkomen. Het rapport van de inspectie werpt echter een hard licht op tekortkomingen in transparantie, rechtsstatelijke waarborgen en de bescherming van burgers die door deze werkwijzen nadelige gevolgen ondervinden.