Haller Park in Kenia: baanbrekend voorbeeld van natuurherstel
In dit artikel:
René Haller, een Zwitserse landbouwkundige die in 1959 bij de Bamburi Cementfabriek aan de kust van Mombassa in dienst trad, veranderde in de loop van ruim zes decennia een verbrijzeld, door kalksteenwinning verwoest landschap in een weelderig park. De mijnactiviteiten die vanaf 1954 begonnen waren, hadden een heet, rotsachtig gebied achtergelaten waar nauwelijks iets kon groeien. Haller kreeg eind jaren zestig toestemming van de fabriek om te experimenteren met natuurherstel — een destijds radicale gedachte.
Zijn eerste pogingen met klassieke aanplantmethoden faalden. Haller schakelde daarop van het forceren van een ontwerp naar het stimuleren van natuurlijke processen. Een keerpunt was de inzet van de casuarina, een hitte- en droogtebestendige boomsoort die langs de Keniaanse kust al voorkwam. Cruciaal bleek dat casuarina’s symbiotische bodembacteriën nodig hebben om stikstof te binden; Haller bracht grond met die micro-organismen aan en zag de bomen aandoenlijk opknappen. Ook introduceerde hij in de groeves miljoenenpoten uit zijn eigen tuin om het taaie bladstrooisel om te zetten in humus. Machines werden bovendien ingezet om de harde ondergrond te breken zodat wortels kunnen groeien en water beter wordt vastgehouden. Door deze combinatie van biologische en mechanische ingrepen ontstond schaduw en vocht die nieuwe plant- en diersoorten aantrokken.
In ongeveer tien jaar werden zo’n miljoen bomen geplant, sommige tot dertig meter hoog. Later werden delen geoogst voor hout en brandstof, waardoor ruimte ontstond voor andere soorten zoals Afrikaanse mahonie. Het gebied groeide uit tot Haller Park: tientallen plantensoorten, vrij levende dieren (giraffen, nijlpaarden, krokodillen, reigers, apen, ijsvogels) en vijvers met viskweek. Het park trekt nu jaarlijks meer dan 150.000 bezoekers en functioneert als educatieve en toeristische attractie.
Vanaf het begin had Haller ook aandacht voor sociale en economische duurzaamheid. Er kwamen bijenkasten, viskweek en werk- en opleidingsmogelijkheden voor lokale bewoners. In 2004 werd de Haller Foundation opgericht om landbouw-, gemeenschaps- en economische projecten te ondersteunen; de stichting traint vooral kleine boeren in duurzame technieken en heeft een app die in meer dan honderd landen gebruikt wordt.
Haller ondervond aanvankelijk veel scepsis van vakgenoten, maar zijn methode leverde tastbare resultaten en later brede erkenning: in 1987 kreeg hij een vermelding op de UNEP Global 500-lijst en de universiteit van Bazel verleende hem een eredoctoraat. Zelf wijst hij op de onmisbare bijdrage van lokale mensen en honderden studenten die aan het project meewerkten. Nu, op 92‑jarige leeftijd, is hij dankbaar dat de veranderingen zestig jaar later nog zichtbaar zijn.
Bezoekerservaringen van het park wisselen: de groenstructuur en vogel- en waterscènes vallen in de smaak, maar de dierenverblijven bieden geen gegarandeerd wildshow—sommige terraria zijn slecht verlicht en niet alle beloofde soorten zijn altijd zichtbaar. Desondanks blijft Haller Park een voorbeeld van overvloedig natuurherstel en van hoe ecologie, economie en educatie gecombineerd kunnen worden om een ooit verloren landschap nieuw leven in te blazen.