Hack op Nederlandse flitscamera's legt kwetsbaarheid in digitale keten bloot
In dit artikel:
In augustus vielen tientallen Nederlandse flitscamera’s en trajectcontroles uit nadat back-endsystemen, beheerd door het Openbaar Ministerie en commerciële leveranciers, slachtoffer werden van een cyberaanval. Wat aanvankelijk als een lokaal hardware‑ of netwerkprobleem leek, bleek te zijn terug te voeren op de digitale laag die de camera’s aanstuurt: centrale servers en koppelingen (VPN‑tunnels, API’s) waarlangs cameradata lopen.
De aanval raakte niet de fysieke camera’s zelf, maar de keten erachter. Waarschijnlijk misbruikten aanvallers beheersaccounts of kwetsbare remote‑toegang om in de back‑end te komen, waarna de camera’s geen data meer konden versturen. Dit laat zien hoe een relatief eenvoudige inbreuk op één beheerlaag directe operationele gevolgen kan hebben voor systemen in de buitenlucht.
Belangrijke oorzaken zijn bekende zwaktes in OT‑omgevingen: verouderde VPN‑oplossingen, statische beheeraccounts, onvoldoende netwerksegmentatie en een dunne scheidslijn tussen IT en OT. Veel flitssystemen draaien op embedded Linux en worden centraal beheerd via IT‑platforms, waardoor een kwetsbaarheid in de IT‑laag snel effect kan hebben op fysieke processen. Internationale incidenten zoals Colonial Pipeline en de hack op een waterzuivering illustreren hetzelfde patroon: remote beheer is vaak het eerste toegangspunt.
De keten rond verkeershandhaving is complex en versnipperd: overheid, diverse leveranciers, netwerkbeheerders en cloudpartijen gebruiken uiteenlopende standaarden en beheerpraktijken. Daardoor is het moeilijk om consistente beveiliging af te dwingen en volstaat het beveiligen van één partij niet; een kleine leverancier kan via zijn toegang een groot deel van de keten blootleggen.
Praktische lessen en aanbevelingen uit het incident:
- Scheid IT en OT strikt en segmenteer netwerken zodat een incident in de ene laag niet automatisch overslaat.
- Versterk remote toegang: verwijder verouderde VPN’s, elimineer statische beheeraccounts en introduceer moderne toegangsmethodes zoals zero trust.
- Breid monitoring uit naar OT‑componenten; veel OT‑systemen worden niet real‑time bewaakt, waardoor inbraken lang onopgemerkt blijven.
- Zie cybersecurity als continu proces: patchmanagement, keten‑inventarisatie en samenwerking tussen publieke en private partijen zijn essentieel.
- Richt aandacht op ketenrisico’s: kleine leveranciers vormen vaak het aantrekkelijke tussenstation voor aanvallers en verdienen extra beveiligingsmaatregelen en toezicht.
De hack illustreert een grotere verschuiving: risico’s verplaatsen zich van individuele systemen naar de samenhang van digitale ketens. Wie veilige digitale infrastructuur wil behouden, moet daarom niet alleen eigen systemen op orde hebben, maar ook inzicht en controle hebben op de ketenpartners.
Auteurs: Patrick Jordens (directeur The Trusted Third Party, bestuurslid digitalisering MKB Westland) en Witold Kepinski (Editor‑in‑Chief Dutch IT Channel / Dutch IT Leaders).