H.G. Wells, the War in the Air, drones en zwarte rook boven Sint-Petersburg

woensdag, 3 juni 2026 (20:08) - Joop

In dit artikel:

H.G. Wells, de invloedrijke maar vaak onbetrouwbare toekomstvoorspeller, krijgt in dit stuk de hoofdrol omdat een van zijn minder bekende romans, The War in the Air (1907), verrassend actuele beelden van luchtoorlog levert. Wells — vooral bekend van The Time Machine en War of the Worlds, auteur van meer dan veertig romans en maatschappelijk geëngageerd als sociaaldemocraat — schetste een toekomst waarin de macht van staten wordt uitgehold door massale luchtaanvallen met kleine, talrijke vliegmachines. Zijn voorstelling van hoofdsteden verbonden door supersnelle monorails miste deels de werkelijkheid, maar zijn idee van legering van talloze kleine vliegmachines blijkt in één opzicht voorspellend.

De schrijver vergelijkt Wells’ zadelzittende, fietsachtige jachtvliegtuigen met de hedendaagse drones: onbemande, goedkoop te produceren vliegtuigen die door aantallen en flexibiliteit oorlogvoering fundamenteel veranderen. In recente conflictsituaties, zoals de Russisch-Oekraïense oorlog, het Libanon-conflict en confrontaties tussen Iran en de VS, bepalen drones vaak het geweldsbeeld: zij veroorzaken veel schade, maken gebieden onbetrouwbaar en leiden tot wijdverspreide ontwrichting. Drones worden economisch aantrekkelijk wapentuig — “het zwaard van de armen” — dat zowel staten als niet-statelijke actoren (bevrijdingsbewegingen, krijgsheren, drugskartels) binnen handbereik brengt.

Belangrijke kenmerken van de moderne drones benadrukt de auteur: snelle veroudering door technologische ontwikkeling, lage productiekosten en de mogelijkheid tot schaalvergroting. De overgang naar autonome systemen via kunstmatige intelligentie vormt volgens de essayist een groot risico. Hoewel militaire leiders vaak vasthouden aan de idee dat een mens de uiteindelijke beslisser moet blijven, is de praktijk in oorlogstijd minder scrupuleus; de verleiding en druk om autonome wapens te gebruiken zullen toenemen, waardoor drones zonder directe menselijke besturing realiteit kunnen worden.

Een actueel voorbeeld dat de trend illustreert: op woensdagmiddag 3 juni (jaar wordt niet gespecificeerd) sloegen Oekraïense drones doelen in Sint-Petersburg, met zwarte rookwolken, tijdelijke uitval van wifi en sluiting van het vliegveld; de actie viel kort voor een internationale economische conferentie met Vladimir Putin op 5 juni. Dit incident toont aan hoe drone-aanvallen geopolitieke evenementen kunnen beïnvloeden en hoe kwetsbaar zelfs strategische locaties zijn geworden.

De conclusie is dubbel: Wells’ precieze uitbeeldingen waren vaak onjuist, maar zijn inzicht dat luchtmacht en massa-aanvallen de toekomst van oorlog zouden vormen blijkt gedeeltelijk terecht — nu vertaald naar een wereld van goedkope, snel veranderende en potentieel autonome drones. De auteur sluit met verwijzingen naar Wells’ invloed op film en futurologie en waarschuwt daarnaast dat andere binnenlandse kwesties, zoals het toeslagenschandaal en de gaswinning in Groningen, niet uit het publieke debat mogen verdwijnen.