Gruwelijk moorddrama in Italië: vier landarbeiders levend verbrand
In dit artikel:
Bij een tankstation in Zuid-Italië is een minibus in brand gestoken, waarbij vier arbeidsmigranten om het leven zijn gekomen; de enige overlevende, de 35‑jarige Afghaan Mohammad Taj Alamyar, zegt dat het opzettelijk gebeurde. Het incident speelde zich af nadat er tijdens het vervoer van ploeg naar huis ruzie was ontstaan over achterstallige betalingen: de mannen zouden al meer dan een maand zonder loon hebben gewerkt.
De slachtoffers zijn geïdentificeerd als de Afghanen Amin Fazal Khogjani (28), Ullah Ismat Qiemi (19) en Safi Iayjad (27), en de Pakistaan Waseem Khan (29). Volgens Taj Alamyar stapte bij het tankstation een tussenpersoon uit, goot benzine in de bus, blokkeerde deuren en wierp een aansteker naar binnen. Taj Almaryar brak met moeite een ruit en ontsnapte via de achterklep; zijn vrienden waren niet in staat te vluchten en kwamen om in de vlammen. Tegenover Corriere della Sera verklaarde hij dat pleegters afkomstig waren uit kringen van “Pakistaanse maffiosi”.
Sinds 20 april werkten de vijf als aardbeienplukkers nabij Scanzano Ionico (Basilicata). Aanvankelijk zou sprake zijn geweest van zwart werk; later werd mondeling een dagloon van 45 euro afgesproken, maar volgens de overlevende werd er geen salaris uitbetaald en moesten zij bovendien dagelijks 5 euro voor vervoer afdragen. Tussenpersonen hielden volgens hem het loon in als vergoeding voor huisvesting en levensonderhoud, waarna het conflict escaleerde.
De autoriteiten onderzoeken de zaak en bekijken camerabeelden van het tankstation. De gebeurtenis werpt opnieuw scherp licht op de structurele uitbuiting van migranten in de zuidelijke landbouw (bekend als het “caporalato”-probleem), waar kwetsbare seizoenarbeiders regelmatig onder erbarmelijke en onveilige omstandigheden werken. Lokale bewoners omschrijven de mannen als behulpzaam en geliefd; de tragedie heeft grote verontwaardiging veroorzaakt.