"Groenland moet deel van VS uitmaken": maak kennis met Stephen Miller (40), "brein van Donald Trump" die leeft voor controverse
In dit artikel:
Stephen Miller (1985, Santa Monica) is uitgegroeid van Trumps speechschrijver tot een van diens meest invloedrijke adviseurs, vooral op migratiegebied. Bekend om zijn provocerende uitspraken — onder meer dat "Groenland deel moet uitmaken van de VS" — profileert hij zich als een hardliner die gelooft dat wereldpolitiek door macht en geweld wordt bepaald.
Opgegroeid in een progressief-joodse familie, kantelde Miller vroeg naar conservatieve politiek na het lezen van werken uit de NRA-hoek. Op de middelbare school en later aan Duke University trad hij regelmatig naar voren met polariserende opinies; een vroeg voorbeeld was zijn verdediging van verdachten in het Duke lacrosse-schandaal uit 2006.
Zijn loopbaan in Washington begon als medewerker van conservatieve parlementariërs (onder anderen Michele Bachmann en John Shadegg) en versterkte zich toen hij in 2009 voor senator Jeff Sessions ging werken. Tijdens de presidentscampagne van 2016 sloot hij zich aan bij Trump, schreef campagnetoespraken en stapte na de overwinning over naar het Witte Huis als beleidsadviseur. Daar lag zijn focus constant op migratie: hij steunde het 'nultolerantie'-beleid dat leidde tot de grensgezinnen-scheidingen (die Trump in 2018 onder druk moest terugdraaien) en was een voorvechter van de oorspronkelijke 'muslim ban' van 2017.
Na de nederlaag van Trump in 2020 en de bestorming van het Capitool bleef Miller loyaal. Hij richtte America First Legal op en initieerde meer dan honderd rechtszaken tegen beleidsmaatregelen die hij als 'woke' beschouwt, met als expliciet doel het MAGA-ideaal levend te houden. In Trumps tweede termijn stijgt zijn macht: als plaatsvervangend stafchef en binnenlands veiligheidsadviseur heeft hij een directe invloed op beleid en wordt hij door sommigen — onder wie voormalig Kamerpresident Kevin McCarthy — zelfs "het brein van Trump" genoemd.
Met gematigde tegenkrachten grotendeels verdwenen, kon Miller radicalere voorstellen lanceren, zoals het gebruik van de eeuwenoude Alien Enemies Act uit 1798 om ongedocumenteerden te deporteren en beleidsaanpassingen die het recht op habeas corpus voor migranten zouden ondermijnen. Die voorstellen markeren hem als de architect van het nieuwe, strenge deportatiebeleid van de regering.
Miller oogst felle kritiek, ook uit zijn eigen familie: een oom noemde hem in 2018 een "immigratie-hypocriet", verwijzend naar de Joodse Oost-Europese familiegeschiedenis die ooit vluchtte voor vervolging. Ondanks die tegenstroom blijft Miller een sleutelrol spelen in de vormgeving van Trumps meest omstreden migratieagenda.