Glastuinbouw in Klazienaveen is niet meer rendabel te krijgen. 'Doormodderen is geen optie meer'
In dit artikel:
In het glastuinbouwgebied rond Klazienaveen en het nabijgelegen Erica heerst groeiende onzekerheid: telers waarschuwen dat het gebied zonder ingrijpende veranderingen langzaam ten onder gaat. Drie ondernemers — Arie Slingerland (63), Alette van der Velden (39) en Maurits van den Arend (49) — schetsen een beeld van verouderde kasconstructies, teruglopende bedrijven en zware knelpunten op energie, financiering en opvolging.
Het gebied ontstond in de jaren zestig als uitbreiding van de kassen bij Erica en kende daarna decennialang groei. Inmiddels zijn veel percelen verlaten of gesloopt; volgens de telers is ongeveer tachtig procent van de resterende kassen technisch verouderd. Tal van bedrijven stopten omdat opvolging ontbrak of omdat er geen geld was om te vernieuwen. Verrommelde kassen in het landschap zijn daar het zichtbare bewijs van.
De drie tuinders Illustreren de problemen aan de hand van eigen ervaringen. Slingerland begon decennia geleden met rozen maar zag de markt instorten door goedkope import uit Afrika; hij heeft geen opvolger en investeert niet meer grootschalig. Van der Velden verhuisde uit het westen en schakelde van komkommers over op pot- en perkplanten met verkoop richting Duitsland, maar ervaart stijgende kosten voor arbeid en transport en de nadelen van de afgelegen ligging. Van den Arend moest zijn assortiment radicaal omvormen van kuipplanten naar ‘groene cadeaus’ vanwege concurrentie uit Zuid-Europa en hoge energieprijzen.
Energie is het grootste knelpunt: het lokale elektriciteitsnet zit al vol, nieuwe aansluitingen zijn er pas ver na 2035 mogelijk, waardoor de omschakeling van gas naar elektrische systemen (zoals warmtepompen of elektrische pompen) vrijwel vastloopt. Aardwarmte lijkt aantrekkelijk maar is volgens de telers technisch en economisch onhaalbaar in Klazienaveen. Banken tonen weinig bereidheid tot financiering; de afschrijvingskosten van nieuwe kassen wegen zwaarder dan wat realistisch terugverdiend kan worden, waardoor investeren niet lonend is.
Ook opvolging ontbreekt op grote schaal: kinderen van huidige telers kiezen vaak andere beroepen vanwege het magere rendement, wat verdere vernieuwing remt. De tuinders vinden dat de gemeente Emmen klare keuzes moet maken: ofwel serieus inzetten op een toekomst met moderne, duurzame glastuinbouw inclusief voldoende netcapaciteit en financieringsarrangementen, of doelbewust afbouwen en ruimte maken voor wonen of industrie. „Voor de glastuinbouw is het hier echt vijf voor twaalf,” waarschuwt Van den Arend.
De gemeente Emmen bekijkt begin dit jaar het beleid voor zowel Erica als Klazienaveen en wil voor de zomer met een besluit komen. Vanuit Erica klinkt een beperkter optimisme: Inge Bergsma‑De Vries (regionaal voorzitter Glastuinbouw Nederland) wijst op gezamenlijke initiatieven sinds 2019 en benadrukt dat de sector in de regio in 2040 van het gas af moet; daarvoor is ruimte nodig voor duurzame opwekking (zonnevelden, wind) naast kassen. In Klazienaveen daarentegen is meer versnippering en onzekerheid, waardoor samenwerken complexer wordt.
Kortom: de keuze voor beleid en investeringen is urgent. Zonder duidelijke maatregelen of alternatieve bestemmingen dreigt verdere achteruitgang van een gebied dat ooit floreerde.